HERENTALS - Haast dag op dag 63 jaar nadat een Britse Spitfire neerstortte in een weide aan Rietbroek in Herentals, hebben oorlogsvorsers brokstukken van het vliegtuig opgegraven. Mogelijk worden ze later tentoongesteld.
Marc Peeters
De geschiedenis van de dramatische vlucht is vrij goed gekend. 'De Spitfire, een gevechtstoestel, begeleidde op 19 april 1944 bommenwerpers, die de werkhuizen van de NMBS in Mechelen gingen bestoken', vertelt Benny Ceulaers. 'Bij een luchtgevecht boven Brussel werd het vliegtuig geraakt, maar het kon doorvliegen tot in Herentals. Daar werd het opnieuw onder vuur genomen. Juist voor de Spitfire neerstortte, kon de piloot - een man van 28 met Tsjechische nationaliteit - zijn toestel verlaten. Zijn parachute ging echter niet open en hij maakte een dodelijke val.'
Meteen na de crash hebben de Duitsers een gedeelte van het wrak meegenomen. Andere restanten werden ter plaatse begraven. 'We hebben de voorbije dagen al allerlei zaken teruggevonden', vertelt Marc Verwimp die aan de hand van getuigenverklaringen van onder meer zijn eigen vader de exacte crashsite kon bepalen. 'We vonden onderdelen van de cockpit, restanten van twee machinegeweren, veel munitie en uiteraard heel wat brokstukken van het vliegtuig zelf.'
De put waarin de vorsers aan het zoeken zijn, is ondertussen al ruim vier meter diep. Ceulaers en zijn vrienden willen nog een stuk dieper gaan. Onder meer omdat ze vermoeden dat het boordkanon van het toestel op dezelfde plaats begraven ligt. Opmerkelijk is dat zelfs na zoveel jaar de geur van de brandstof van het vliegtuig nog duidelijk waarneembaar is. Wat er straks met honderden gevonden wrakstukken gaat gebeuren, is nog niet helemaal duidelijk. Mogelijk worden ze overgemaakt aan een oorlogsmuseum of aan het stadsbestuur van Herentals.