Ik word wakker onder een warmoranje koepel in een wit plafond afgeboord met puntige ornamenten. Zelfs de zachtoranje voile van de gordijnen kan de blauwe lucht niet verbergen die ik straks vanaf mijn terras zal zien. De locatie van dit paradijs? Djerba la Douce, het domein van 27 hectare van Club Med in het Tunesische Djerba dat symbool staat voor puur genieten. In dit resort begint zelfs de wake-upgym pas om kwart na negen 's morgens, en dat in openlucht, met zicht op zee. Verder bestaat de dagplanning uit eten à volonté, fitnessen, zwemmen, boogschieten of luieren op ligstoelen onder palmboomdakjes op het witte zand. Mijn persoonlijke missie? Zeilmeisje worden. En dan maar zien of we zinken!

Dag 1: op volle zee
Vrolijk uitgewaaid is hij, Arnaud uit Bretagne, die mijn zeildoop in goede banen zal leiden. Een beetje bruin, een beetje rood, en een neus die lichtjes vervelt. Niet sunkissed, maar seakissed. Eén zijn met de elementen, zo verklaart hij zijn passie voor het ruime sop. En het gevoel van vrijheid, natuurlijk. 'Als ik zorgen heb op land, vergeet ik ze meteen op zee.' Zelf heb ik momenteel weinig zorgen op land. Een ochtend met wat aquagym en even stomen in de hammam, en als enige verscheurende keuze de inhoud van mijn buffetbordje? Nee, voor mij beginnen de problemen pas écht als ik het zeildoek van de catamaran op glibber. Vanwaar de wind komt, wil Arnaud weten. Euh, links? Nee, dus. Of de zeilen haaks op de wind staan of niet? Euhm... Gelukkig blijken de twee wollen draadjes op het kleine zeil een spiekbriefje. Lopen ze parallel, dan maak je voldoende vaart en kun je de stuurstaaf in de richting van het zeil duwen om de boot van kant te doen wisselen. En dan snel naar de andere kant van het zeil kruipen om voor tegengewicht te zorgen. Zo kun je, als je de wind van voren hebt, blijven draaien en keren tot je al zigzaggend de eindmeet bereikt. Even leuk is spelen met je zeilen met de wind in de rug. Je viert de koorden, trekt de staaf naar je toe, wacht enkele seconden en helpt met je handen het zeil gecontroleerd naar de andere kant. Van de ene kant van de catamaran naar de andere duiken, sturen en koorden aanspannen, het zit al snel in de vingers. Maar de wind lezen? Dat laat ik voorlopig nog liever even over aan Arnaud.

Dag 2: de beste stuurlui...
Een dag later merk ik al dat zeilen echt wel een sport is voor individuele vrijheidsstrijders of héél goede vrienden. Want in welk beginnersgroepje ik me ook de golven in waag, telkens weer laaien de discussies hoog op. 'Je duwt niet hard genoeg op die staaf!' 'Maar nee, we draaien niet omdat jij het kleine zeil te laat bijdraait.' Een discussie die vaak beslecht wordt met de woorden. 'Ik zit aan het stuur, dus ik beslis!' Niet echt bemoedigend om zelf in alle vertrouwen van koers te veranderen. Aan de manoeuvres waag ik me voorlopig niet, maar door koppig de stuurstaaf te blijven bedienen, ontdek ik wel andere kwaliteiten. 'Heb jij dit écht nooit eerder gedaan?', complimenteert een Parijzenaar me die zelf al een mooi CV van zeilexcursies kan voorleggen. 'Jij voelt de boot echt aan!' Ook het parkeren gaat vlotjes, een beetje bijsturen, een beetje vertragen en dan voel ik de catamaran vredig het zand opschuiven. Dit wordt nog wel wat.

Dag 3: tournée de l'île!
Woensdag lassen we een rustdagje in om het eiland van dichterbij te bekijken. Zestig miljoen olijfbomen zijn er in Tunesië. Overal waar je kijkt, bepalen ze het landschap, met af en toe een toefje schapen, enkele paarden of dromedarissen in hun schaduw. Verder is het eiland dor, droog en leeg. Geen wonder in een land dat voor 30procent uit woestijn bestaat. Om de douches en zwembaden van de vele hotels te bevoorraden, wordt dan ook voortdurend water aangevoerd uit het vasteland. Naast het toerisme en de landbouw –olijven! dadels!– doet ook de textielindustrie het eiland draaien. Her en der leggen vrouwen razendsnel wollen knoopjes die enkele maanden later resulteren in kleurrijke tapijten. Een beroep dat de tand des tijds minder lijkt te doorstaan, is dat van de pottenbakker. Om vier uur 'smorgens opstaan om klei te scheppen voor de zon aan de hemel brandt en dan aan het intensieve afwerkingsproces beginnen, het is een vaardigheid die van vader op zoon wordt doorgegeven. Zoonlief voelt zich de jongste jaren doorgaans meer aangetrokken tot een job van hulpkok of sportleraar in een van die blinkende resorts. En dus blijven er van de 500 pottenbakkers van her eiland amper 50 over.

Dag 4: les op de begane grond
Donderdag ben ik klaar voor een nieuwe zeilervaring, maar daar beslist de wispelturige woestijnwind anders over. Heet en onvoorspelbaar strooit deze stevige bries roet in het eten. De weinige boten die zich op de zee wagen, fladderen alle kanten uit. Op deze ongeleide projectielen zijn beginners natuurlijk niet toegelaten. Gelukkig krijg ik wel gouden zeiltips op het droge, als ik tijdens mijn luie dag een andere zeilinstructeur tegen het lijf loop in de bar. 'Zie het kleine zeil als het kindje en het grote als de moeder. En laat het kind gewoon altijd zijn moeder volgen', zegt hij. En: 'Als je niet weet of je overstag moet gaan, kijk je gewoon even of er land in zicht is. Zo niet, dan ben je te ver afgedwaald.' Zo veel makkelijker dan goochelen met termen als parallel, hol, bol en evenwijdig.

Dag 5: een leger catamarans
Eén dag later wordt mijn relaxte stemming al meteen op de proef gesteld. Bij de 'armada' gaat de volledige vloot catamarans van Club Med –dertien stuks– samen het water op. Je wordt altijd wel ergens de pas afgesneden door een andere boot en voortdurend klots je omhoog en omlaag op de rimpels van andermans manoeuvres. Gelukkig bestaan er ook op zee verkeersregels, zodat we er uiteindelijk toch in slagen het dertienkoppige waterdier te temmen. Soms begrijpen we niet helemaal waarom we stilvallen of waarom die bocht niet volgens de regels verloopt, maar we merken het al snel: afdwalen mág, want vroeg of laat vaar je toch weer in de pas. Bij onze terugkeer laat de wind het even afweten en waggelen we op ons dooie gemak richting kust. Het adrenalinegehalte boet erbij in, maar het laat ons wel toe voor het eerst dromerig naar het water te staren. Want in Djerba mogen blauw en wit dan de overheersende kleuren zijn –van wit zand en blauw water en witte muren en turkooizen inscripties– op zee blijft alleen het blauw over, in alle mogelijke schakeringen.
Even later bekom ik, met zout in het haar en op de lippen, nog even met een les stretching in de outdoorfitness. De sportleraar vraagt ons om krachtig in te ademen, langzaam uit te ademen en alleen nog te luisteren naar het geluid van de golven. Al de rest mag je even vergeten, zegt hij. En ik besef dat ik op dat moment niets, maar dan ook niets anders nodig heb.

Nog 5 keer sportief op het domein Djerba la Douce.

Paardrijden
'Een lief paard, alstublieft', vraag ik op de ranch. Ik ben een debutant en wil geen paard dat in de billen van een ander paard bijt of steigert. Ik hijs mezelf op Farouk, een donkere berber met rosgebleekte manen en knokige knietjes. Onderweg gehoorzaamt mijn hengst helaas nooit aan de linkse of rechtse rukjes van de teugels. Hij blijft staan of gaat terug naar huis. 'Dat komt omdat er een vrouw achter het stuur zit', aldus de instructeur. Hij noemt zichzelf Che. Che Val. De anderhalf uur durende rit hobbelt door Hadada, een stil en stoffig zandbakdorp. Wel mét mooie lagune, waar Farouk onverschrokken in plonst. Het paard gaat buikdiep, ik krijg natte schoenen. Daarna leert Che me galopperen op het strand, wat echt leuk is. Al ga ik naar huis met een pijnlijk achterwerk.

Pilates
Voor de Pilatesles sleep je een matje op de grote houten vlonder aan het strand. Voor je ligt de oceaan. Leraar David zet een relaxed muziekje op. Je ademt diep in en uit en doet oefeningen van allerlei strekking en rekking. De focus ligt op evenwicht, een goede houding en sterke buik- en rugspieren. De kunst is om de grondoefeningen zo gracieus mogelijk te doen, wat in het begin niet altijd lukt. Hoe dan ook zeer fijn voor lichaam en geest. Tevreden keer ik terug naar mijn strandzetel.

Bodypump
Als ik voor deze les arriveer, zijn er slechts vijf deelnemers. Dat komt omdat 'bodypump' zwaarder is, letterlijk. Je krijgt een barbell –een stang– waar je zelf gewichtjes aan rijgt en daar doe je een hele rist spierversterkende oefeningen mee. Ik ga voor 2,2kilo. In het begin van de work-out jongleer ik bijna met de stang en denk ik: peanuts. Maar 849 squats, presses, lifts en curls later voel ik mijn spieren branden. En toch vind ik deze rechttoe rechtaan fitness zálig. Ik gruwel namelijk van pasjes en dansjes. De bolle biceps moet je er bij nemen.

Aquagym
Een gigabuitenzwembad dat ligt te blikkeren in de ochtendzon en een mintblauwe zee voor de deur, en toch zit het binnenzwembad van de fitnessclub elke morgen vol aquagymmers. Het is er dan ook aangenaam dippen bij 27°C. De lessen bouwen langzaam op. Op maandag kun je nog gniffelend watertrappelen, maar op donderdag hef je jezelf toch lichtjes kreunend de zwembadrand op. Zweten in het water kan wel degelijk. Behoorlijk pittige lesjes, maar tegelijkertijd enorm ontspannend en voor alle leeftijden.

Boogschieten
Maak met beide handen een kijkgaatje. Focus op een object. Sluit nu om de beurt je linker- en rechteroog en kijk met welk oog je het object ziet. Voilà, nu weet je welk je dominante oog is, waarmee je mikt bij het boogschieten. Ik blijk een rechtsogige Robin Hood te zijn en krijg een boog, drie pijlen, een arm- en vingerbescherming. De schiettechniek kan nog verfijnd worden, maar ik slaag er alleszins in om de boog goed vast te houden (stevig op de benen staan, rechte arm!), een pijl te laden (de gekleurde veer naar binnen!), de pees achteruit te trekken (hand tegen het gezicht! Focus!) en te lossen. Pok. Over doel. Pok. In het houtframe. Pok. In de roos! Alle pijlen verschoten bij Club Med.

Meer info via www.clubmed.be