'De storm bereikte België rond 1 uur aan de Franse grens nabij Doornik', aldus De Mey. Daarna trok de storm noordwaarts richting Gent. Via het Waasland en het westen van de provincie Antwerpen bereikte de storm het Nederlandse Zeeland.

Zoals voorspeld trof de storm vooral het westen en centrum van het land.

In de Oost-Vlaamse meetstations van Gent en Semmerzake (Gavere) werd de grootste hoeveelheid neerslag gemeten: 34 liter per vierkante meter. In het Brusselse Ukkel was dat 19 liter, in Oostende 14 liter. Die waarden kunnen lokaal heel sterk schommelen, aldus De Mey.

De grootste windpiek werd opgetekend in Melle nabij Gent. Daar werd 101 kilometer per uur gemeten in het waarnemingsstation. In Haasdonk in het Waasland werd 90 kilometer per uur opgetekend.

Het onweer was een zogenaamde supercel. Dat is een buiencomplex dat ontstaat na het 'samenklonteren' van verschillende buien. Het ontstond boven Frankrijk. In dit geval reikte de toppen van de wolken tot 16 kilometer hoog, wat zeer hoog is -'hoe hoger hoe intenser de storm'.

De hagel - bevroren neerslag - die bovenaan gevormd werd, smolt in dit geval niet bij het dalen door de sterke stijg- en daalbeweging. Er was sprake van hagelstenen van 5 centimeter, aldus de weerman.