Zoekertjes


Nieuws uit uw gemeente

Kalender, sport, verenigingen, poll

14/11/2009

Mag onze tienerdochter blijven slapen bij een vriend?

 Dossier
Opvoeding

NVT - Onze dochter Lien (15) mag naar de fuif tot 2 uur, nadien halen we haar af en moet ze mee naar huis. Maar zij wil samen met een vriendin blijven slapen bij Jonas, een vriend uit de klas. Ze is een verstandige meid die tot nu toe geen domme streken uithaalde. Ze stuurde ons een mail met haar pleidooi (zie hieronder), maar is dat voldoende om in deze toe te geven?

Zeg duidelijk hoe jij het ziet, luister naar het antwoord van je dochter en laat haar een voorstel uitwerken dat beter aansluit bij je bezorgdheid

Dag papa en mama, Ik wil even nog eens jullie toestemming vragen per mail: zou er toch niet een klein kansje bestaan dat ik bij Jonas mag blijven slapen? Papa hoeft dan 's nachts niet op te staan en de volgende ochtend kom ik gewoon terug naar huis. We zullen daar zeker gewoon slapen, en iedereen die ik ken en naar de fuif gaat, mag ergens blijven slapen van zijn ouders. Ik hoop echt dat het mag, want ik wil supergraag!

Tieners moeten vorderen in het leven door te bouwen aan hun zelfstandigheid en persoonlijkheid. Leren plannen maken, vrienden de juiste plaats geven en mensen realistisch inschatten, dat vergt oefenwerk. Wat jullie dochter vraagt, behoort daartoe. Dat ouders de angst voelen hierop in te gaan, is al even normaal. Je houdt van je kind, je wilt niet dat iemand straks zal beschadigen wat zo schitterend opgroeit. En toch weet je dat de ideale bescherming niet bestaat en, nog meer, dat ze verre van gewenst is. Want als jullie dochter achttien is, moet ze klaarstaan om het echte leven aan te kunnen. Ouders moeten dus op zoek naar het juiste oefentempo voor hun kind. Niet te snel, niet te traag. En dus gaan jullie het gesprek aan met je tienerdochter. Hieronder een dialoog over hoe dat gesprek zou kunnen verlopen. Trefwoorden zijn: praat voor jezelf en zeg duidelijk hoe je het ziet, luister naar haar antwoord en laat haar een voorstel uitwerken dat beter aansluit bij je bezorgdheid terwijl het haar toch de kans geeft 'te oefenen'.

- 'Lien, we willen eens met je praten. We hebben je mail gelezen en we zitten er erg mee. Het is belangrijk voor ons dat we dat eens samen bekijken.'

- 'Natuurlijk. Ik mag toch gaan hé?'

- 'Laat ons eerst eens uitleggen wat onze bedenkingen zijn, we horen graag wat jij daarvan denkt. Bij wat je ons vraagt, denken wij natuurlijk: Goh, Lien is best te vertrouwen. Je bent verstandig en je hebt nooit brokken gemaakt. En je wordt wat ouder, het zal dus wel normaal zijn dat je een stapje verder wil gaan dan het gewone thuiskomen om 2 uur. Je kent ons, we zijn bang dat je iets overkomt, makkelijk is het dus niet voor ons. Maar we hebben er goed over nagedacht en we vinden het goed dat je wat extra vrijheid krijgt.'

- 'Fantastisch! En jullie zullen zien dat ik dat prima doe. Jonas kan je ook echt vertrouwen!'

- 'Wacht even, de vraag is of wij al aan Jonas toe zijn. In je mail tel ik niet één maar drie sprongen vooruit die je plots wilt maken: een nachtje doorzakken, elders slapen en meer bepaald in het huis van Jonas blijven. Dat lijkt ons iets té enthousiast. Als dat fout loopt, zitten we allemaal met een flinke kater.'

- 'Maar dat zal niet fout lopen, ik beloof het.'

- 'Je moet niet te veel beloven, je moet ons overtuigen door te tonen dat een afspraak een afspraak is. Drie sprongen vooruit, dat kan voor ons niet. Nu nog niet. Stel ons dus iets voor. Iets dat het midden houdt tussen wat wij willen en dat waar jij van droomt.'

- 'Mijn vriendin mag wel ergens overnachten. Toe papa, het is geen gezicht als vrienden zien dat je mij nog komt ophalen.'

- 'Overnachten met je vriendin is misschien niet het probleem. Dat je dat in het huis van Jonas doet, is voor ons een brug te ver.'

- 'Bedoel je dat ik wel mag overnachten als ik met mijn vriendin ergens anders slaap?'

- 'Als je echt ergens anders wilt slapen die nacht, dan vinden we het goed als je dat doet bij vriendinnen. Met de nadruk op vriendinnen, geen jongens op die plek hé.'

- 'Dan moet ik mijn vriendin bellen. Misschien weet zij een oplossing.'

- 'Als je zulk een oplossing kan uitwerken, dan gaan we akkoord. En onnodig te zeggen dat we erop rekenen dat je dat correct doet.'

- 'Tuurlijk. Ik ben al blij dat jullie veranderen. Nochtans is Jonas een toffe jongen, jullie kunnen hem echt vertrouwen.'

- 'We zeggen ook niet dat hij het eerste probleem is. Wij zijn nu eenmaal bezorgde ouders, voor ons moet het met stapjes gaan.'

- 'Ik bel meteen mijn vriendin!'

In 'De Opvoedingsdokter' gaat de bekende kinder- en jeugdpsychiater Peter Adriaenssens wekelijks in op een lezersvraag over opvoeden. Peter Adriaenssens is de auteur van verscheidene klassiekers over het opvoeden van kinderen.

|
|
|
Wat kost een kind?
De grote luiertest