Hoewel de MCV op hetzelfde platform is gebouwd als de vierdeurs, staan de wielassen toch 27 centimeter verder uit elkaar. Hij is 26 centimeter langer en bijna 12 centimeter hoger. Opzij bekeken oogt de MCV bijzonder lang maar dat is het gevolg van de bijna verticaal opstaande achterkant.

Binnenin blijft het niet bij een indruk van ruimte. De MCV is werkelijk een auto met heel veel plaats. Waar in de meeste zevenzitters de stoeltjes achteraan eerder strafbankjes zijn voor kinderen, hebben de reizigers hier ook op de twee verste stoelen voldoende plek voor armen en benen. Dacia heeft zijn auto ontwikkeld om zeven volwassenen op een behoorlijke manier te transporteren. Bij benutting van alle stoelen wordt de laadruimte wel herleid tot een sigarenkist. In de opstelling met vijf stoelen beschikt de MCV echter over een ontzettend grote koffer.

Het instappen naar stoel 6 en 7 gaat verbazend vlot. De toegang is ruim en de middelste stoelen klikken ver naar voren. Opletten echter bij het terugplaatsen: de kans dat je je voet plet, is niet denkbeeldig. Met een startprijs van 11.650 euro mag het niet verbazen dat de constructeur 400 euro extra vraagt voor de bijkomende stoelen.

Ook bij de Dacia MCV blijft autorijden tot de essentie beperkt. De stoelen klappen niet handig weg in de vloer en de veiligheidsgordel van de middelste passagier op de tweede rij hindert het zicht van op de derde rij. De constructeur bespaart productiekosten door geen omhoog zwaaiende achterklep te monteren maar twee klassiek scharnierende deurtjes zoals bij een bestelwagen. Dacia biedt het model intussen ook als kleine camionette aan. De achterportieren zijn niet minder praktisch maar beperken wel het gezicht naar achteren.

Soberheid troef

Het dashboard werd volledig overgenomen van de berline. Soberheid troef, echter zonder armtierig te ogen. Aan de saaie plastic binnenbekleding, de klassieke verluchtingsmonden, de afwezigheid van een verstelbaar stuur en het plompe stuurwiel van kunststof merk je waar er werd ingeleverd. De ruiten met zwengels en de eenvoudige deurklinken aan de binnenkant zijn nog een voorbeeld van het Spartaanse comfort.

De MCV is net een auto van twintig jaar geleden, maar alles zit degelijk op zijn plaats en hij is veiliger, niettegenstaande de voorzieningen tot het minimum zijn beperkt. Twee frontale airbags, ABS en een veiligheidskooi, daar moet de MCV het mee redden. De Dacia werd nog niet getest maar bij de botsproeven zal hij wellicht een aanvaardbare score tussen 3 en 4 sterren behalen.

Paarden te kort

Zuinigheid, dat wenst de koper van een Dacia. Onbeladen kwamen we met 6,1 liter 100 km ver. Vergeleken met andere monovolumewagens is dat geen kwaad resultaat. Het hoge koetswerk speelt niet in het voordeel van het brandstofverbruik. Met volle belading zal het kleine 1.5 dCi dieseltje een flinke slok meer lusten.

Is het vermogen van 70 pk voldoende in normale omstandigheden, met zeven mensen aan boord en nog wat bagage is zijn liedje uitgezongen. Gedaan met vlotte acceleraties: de MCV heeft paarden te kort. Hij laat dat ook horen. Wie zijn wagen altijd wil volstouwen, doet er beter aan de 1.6 benzinemotor te kiezen. Die is 105 pk sterk en trapt niet op zijn adem.

Net als de berline schittert de MCV met zijn ophanging. Je moet al een terreinwagen aanschaffen om zo vlot over een gehavend wegdek te rijden. Het koetswerk laat lange veerwegen van de wielen toe, wat een bijzonder groot comfort waarborgt. De Dacia-ingenieurs slagen erin het veercomfort te verzoenen met een ophanging die toch voldoende stug is, waardoor de auto geen zwevend rijgedrag vertoont.

Met zijn lage instapprijs moet de MCV airco (900 euro extra) ontberen. Voor twee zijdelingse airbags vooraan moet nog eens 200 euro worden neergeteld. De dakrails - absoluut noodzakelijk voor het laden van bagage met zeven personen aan boord - kosten 150 euro voor de instapversie Ambiance. Zelfs met een paar extra's blijft deze Dacia een interessante koop. Wie geen kilometervreter is en lak heeft aan een merkimago, hoeft niet te twijfelen.