Nieuws uit uw gemeente

Kalender, sport, verenigingen, poll

13/08/2009

'Die zware stem? Dat komt door de anabolen'

Zaterdag start het WK atletiek in Berlijn
Merlene Ottey greep volgens De Vries naar doping omdat ze verliezen beu was.

Merlene Ottey greep volgens De Vries naar doping omdat ze verliezen beu was.

Hoe gaat het in de topatletiek toe? Slikken veel topatleten? Raymond de Vries, een Nederlandse ex-manager, heeft daar voor de jaren tachtig en negentig aanwijzingen voor en schreef die neer in zijn boek Opkomst en ondergang van een ongelooflijk stomme zak.

Van mei 1985 tot in oktober 1993 verzorgde Raymond de Vries (56) het management van olympische kampioenen, wereldrecordhouders en -kampioenen zoals Merlene Ottey, Yobes Ondieki en Svetlana Masterkova. De Nederlandse ex-kampioen hoogspringen verdiende uitstekend, reisde de wereld rond, verbleef in tophotels en vierde het ene succes na het andere. 'En toch heb ik het verkloot', zegt hij. De internationale atletiekbond IAAF schorste hem: hij zou geld van atleten verdonkeremaand hebben - wat hij betwist. De Vries raakte vóór die schorsing verslaafd aan gokken in casino's, nam xtc en werd afgeperst door de onderwereld, onder meer nadat hij geld had geleend tegen woekerintresten. Later waagde hij zijn kans in de golf- en telecommunicatiesector, met vallen en opstaan tot op heden.

Uw topatlete was Merlene Ottey: de zwarte sprintster uit Jamaïca die 27 medailles behaalde op Olympische Spelen en WK's - maar nooit olympisch goud won.

'Ottey kreeg vóór ze bij mij aanklopte hoogstens 2.500 dollar startgeld. Toen had ze nochtans al enkele medailles behaald. Ottey was heel mooi, had een prachtige mond, maar veel tekst kwam er niet uit. Wat ze zei was dan nog amper te verstaan wegens een zwaar Jamaïcaans accent. Gevolg: kleine stukjes in de krant. We besloten dan maar een mysterieuze diva van haar te maken en de interviews te beperken. Dat hielp, en haar faam groeide. Na verloop van tijd kreeg ze 45.000 dollar: het hoogste bedrag dat ik ooit voor een atleet lospeuterde.'

'Ik deed het nochtans heel erg slecht voor mezelf. Nooit heb ik een dubbeltje van een atleet in mijn zak gestoken. En ik betaalde hen meer dan eens uit eigen zak toen ze nauwelijks meer aan de bak kwamen. Toch ben ik levenslang geschorst. De wereldatletiekbond IAAF had me er via een jaloerse Jamaïcaanse oud-atleet, Don Quarrie, van beschuldigd geld van atleten te hebben verduisterd. Nu, die atleten wilden zelfs voor me getuigen. Ik ben bij verstek veroordeeld, zonder ooit officieel voor een verhoor en een tuchtzaak te zijn uitgenodigd. Toen ben ik maar gestopt als zaakwaarnemer van atleten. Beter was ik in beroep gegaan.'

Doping hoorde er ook bij, schrijft u.

'In 1980 ging ik aan Clemson University in South Carolina studeren. Drie jaar eerder was ik als eerste Nederlander met een scholarship in de VS beland, in de staat New Mexico. Sportief stelde ik niets voor. Het kennismakingsgesprek met de coach vond in zijn bureau plaats. Tijdens die ontmoeting trok hij een lade open waarin zich een grote pot bevond, vol pilletjes. Hier heb je je anabolen , zei hij. Ik was van slag. Dat ga ik niet nemen, zei ik, dat is slecht voor de gezondheid. Ach, vijf tot tien milligram per dag kan echt geen kwaad , sprak hij. Dat doet iedereen. Einde 1983 heb ik toch geslikt: een drietal weken vijf milligram Winstrol (een verboden spierversterker, red.) . Tot mijn vriendin dat te weten kwam en we ruzie kregen. Toen ben ik er maar mee gestopt.'

U schrijft dat Merlene Ottey doping nam.

'Het was een paar maanden na het wereldkampioenschap in Tokio in 1991, waarin ze weer eens geen goud gewonnen had op de 100m en 200m, maar brons. Ze was het zo kotsbeu om net niet te winnen en telkens te worden verslagen door een gedrogeerde Oost-Europese zoals Katrin Krabbe of een Amerikaanse. Ze was ook al 28 en de tijd begon te dringen. Ik was erbij toen ze me zei dat ze doping wilde gebruiken, en ik was er ook bij toen ze het met Henk Kraaijenhof besprak. Kraaijenhof is een paar jaar met me meegereisd: als coach, psycholoog, kinesitherapeut en, laten we het zo noemen, medicijnman. Henk vertelde hoeveel een dopingkuur kostte: twaalfduizend dollar voor een kuur anabole steroïden, dat is een spierversterker, en groeihormoon. Voor mannen kostte het slechts achtduizend dollar. Later gaf Ottey me het geld, waarop ik het aan Kraaijenhof bezorgde. Weet u, onder insiders, zoals tussen atleten en zaakwaarnemers, werd er heel ongedwongen over doping gesproken. Welke doping ze nam, weet ik nochtans niet, alleen dat het in de aanloop was naar de Spelen van 1992. Ze won een jaar later haar eerste mondiale goud, tijdens het WK in Stuttgart, op de 200 meter.'

Hoe veralgemeend was dopinggebruik?

'Je mag er rustig van uitgaan dat het grootste gedeelte van de olympische finalisten bij de mannen én de vrouwen in de jaren tachtig en negentig op de sprint- en krachtnummers doping namen. Op de lange afstanden ging het anders toe. Pas toen ik stopte als zaakwaarnemer zijn die tijden ontploft, toen epo doorbrak. Yobes Ondieki, een Keniaan, zeurde trouwens al een tijd om epo: ik denk dus zeker niet dat Oost-Afrikanen per definitie zuiver op de graat waren en zijn.'

U zegt dat ook Russinnen er openlijk over spraken.

'Een aantal Russinnen vroeg me of ik hen wilde vertegenwoordigen en zei al bij het eerste gesprek dat ze doping namen. Zoals Jelena Jelesina, die het hoogspringen zou winnen op de Spelen in 2000. Zij had een heel zware stem en toen ik vroeg hoe dat kwam zei ze zonder veel omhaal: Dat komt door de anabolen . Inga Babakova, de wereldkampioene hoogspringen van 1999, zou er pas later mee beginnen, zei ze me begin de jaren negentig: 'Mijn trainer raadt het me pas aan na de Spelen.' Ze hadden geen enkele gêne of terughoudendheid. Was dat toeval of spraken alle Russinnen zo? Dat werd duidelijk toen ik het jaarprogramma besprak met de 1.500m-loopsters Svetlana Masterkova en Ljoedmila Rogatsjova: zij zeiden tot in detail wanneer ze geen wedstrijden wilden lopen vanwege hun gebruik van anabolen. In hun eigen land lopen was dan weer geen enkel probleem, daar beschermden ze hun atleten bij de dopingcontroles. Net zoals de Amerikanen deden voor hun atleten.'

U publiceert geen bewijzen voor uw dopingbeweringen.

'Stel dat u zich afvraagt of uw vrouw vreemdgaat. U controleert haar en wat ziet u: een paar keer per week gaat ze op een vaste dag naar een hotel. Ze gaat samen met een man door de deur. Twee uur later komt ze weer buiten en liefkozen en lachen ze beiden. Is dat een bewijs dat ze met elkaar naar bed zijn gegaan?'

Was topatletiek in de jaren tachtig en negentig geen circus? Iedereen leek op de hoogte van het dopinggebruik, zoals de internationale atletiekbond, wedstrijdorganisatoren, atleten en managers, maar zweeg omdat ze er allemaal aan verdienden?

'Dat hebt u niet slecht geformuleerd.'



Noot: van de mensen die De Vries beschuldigt van (medewerking aan) dopinggebruik heeft voor zover bekend niemand dat ooit toegegeven.

 Frank Van de Winkel

|
|
|
Blog
Sportwereld blogt