Hoe begon voor jou het politieke verhaal in Melle?

‘Vijftien jaar geleden kwam ik (vanuit Gent) naar Melle wonen en in 2004 richtte ik er, samen met twee vrienden (Willy Vernimmen en Marc Poriau die ondertussen zijn overleden) de SP.A afdeling terug op.

Het belangrijkste was de werking van SP.A Melle, die al een tijd stil lag, weer op te starten en daarbij kwam ook het vooruitzicht de verkiezingen voor te bereiden. De verkiezingscampagne in 2006 volgde ik van op de zijlijn omdat ik via mijn job heel nauw betrokken was bij de campagne in Gent. Tegen mijn verwachtingen in werd ik verkozen en zes jaar lang zetelde ik in de oppositie voor het kartel.

Toen het bestuur van SP.A Melle mij vroeg om voor de verkiezingen in oktober dit jaar lijsttrekker te zijn, was ik enerzijds vereerd maar anderzijds besefte ik dat hier ook een grote verantwoordelijkheid mee gepaard gaat.’

De nieuwe uitdaging

‘Er diende niet enkel een kandidatenlijst samengesteld te worden, de volgende stap was het schrijven van het programma.

Onze lijst is een verruimde lijst, want niet alle kandidaten zijn SP.A lid. Dit was ook geen vereiste. Integendeel, om een zo gediversifieerd mogelijke lijst op te stellen, verkozen wij om ook andere geïnteresseerde personen een kans te bieden. Iets meer dan 30% van onze lijst is geen lid. SP.A wou iedereen die ons ideeëngoed genegen is en die wou meewerken aan een creatief en sociaal programma, een kans bieden.

Omdat inspraak en participatie één van mijn beleidsprioriteiten is, organiseerde de afdeling een denk- en schrijfdag in november 2011. Een dertigtal Mellenaars gingen in op onze oproep. Iedereen kon zijn zegje doen. Het werd een gezellige, maar bedrijvige en creatieve dag. Vanuit het bestuur werd er voornamelijk geluisterd en genoteerd. Op het einde van die dag werden alle ideeën, bemerkingen, suggesties en aandachtspunten genoteerd en in een volgorde van belang geplaatst.

Ons verkiezingsprogramma is doorspekt met praktijkvoorbeelden en vernieuwende ideeën. Het is een volledig programma dat creatieve en vernieuwende ideeën naar voor brengt. Maar omdat we ook weten dat niet iedereen de interesse kan opbrengen om een gans programma te lezen, werd een ‘Rode draad door en voor Melle’ opgesteld met dertien krachtlijnen uit dit programma.

Dit pamflet werd voorzien van een gimmick (een gehaakte rode draad). Hiervoor werd door een aantal vrijwilligers bijna vijf kilometer rode draad gehaakt. De folder werd van deur tot deur bedeeld door de sp.a – kandidaten en tijdens deze rondgang werd een gesprek aangegaan als de mensen interesse betoonden. Dit leverde in de meeste gevallen heel wat interessante en aangename ervaringen op. Ik ben ervan overtuigd dat de politiek meer naar de bewoners moet luisteren en ook meer naar de bevolking zelf moet komen en niet omgekeerd.

Mensen kunnen best wel omgaan met slecht nieuws, maar je mag ze niet voor voldongen feiten stellen, ze moeten betrokken worden bij het proces van beleidsvorming. Waarom ontstaan er actiegroepen? Omdat ze geen spreekbuis vinden! Als de inwoners van bij het begin worden ingelicht, kunnen ze het probleem beter plaatsen, je moet ze ook vooruitzichten aanbieden. Communicatie achteraf werkt niet zo goed, omdat mensen dan met beslissingen worden geconfronteerd waarbij niet naar hun mening werd gevraagd.

Het vertrouwen dat je mening er echt toe doet, maar dat zij niet zonder meer wordt aanvaard, ontstaat niet zomaar. Het vraagt een duurzame relatie tussen burgers en gemeentebestuur waarin zij op elkaar ingespeeld zijn om gezamenlijk bij te dragen aan het beleid.

Ook moet de durf er zijn om jaarlijks of halverwege de legislatuur de beleidsplannen te evalueren. Welke ideeën werden er gerealiseerd en welke niet. Welke plannen werden er uitgevoerd of zullen binnen afzienbare tijd worden uitgevoerd. Is elk plan nog realistisch en opportuun? De voorbije legislatuur werd dit slechts voor twee beleidsplannen gedaan, maar het overgrote deel van de beleidsintenties werden niet afgetoetst op realisatie of invulling van de kiesbelofte. Beleidvoering is geen statisch maar een dynamisch gegeven dat bijsturing toelaat.’

Welke punten vind je verder nog belangrijk?

‘Ik wil de focus niet teveel op de grote dossiers leggen, want ook de kleinere thema’s zijn voor de socialisten van groot belang.

Melle heeft qua ligging een aantal bijzondere aandachtspunten: het ligt aan de rand van een grootstad, met uitbreidingsmogelijkheden qua woonzones, nog heel wat groenmogelijkheden, maar ook een spoorweg, autosnelweg, gewestwegen … dit biedt opportuniteiten maar zorgt ook voor diverse vormen van hinder. Geluidshinder, verkeersdruk, visuele, geur- en geluidshinder, sluipverkeer met geluidshinder en onveiligheid.

Wij willen er zeker over waken dat de leefbaarheid wordt gegarandeerd door bijvoorbeeld een duidelijk mobiliteitsplan waarbij het sluipverkeer in de woonzones wordt geweerd en de verkeersveiligheid terugkeert, maar ook meer, beter onderhouden en veiligere voet- en fietspaden zijn noodzakelijk, eventueel het aanmoedigen van autodelen en carpoolen.

Maar ook een groenvoorzieningsbeleid waarbij de woonzones niet te dicht op elkaar worden gebouwd en waar er plaats is voor publiek groen zoals een sneukelroute of een vlinderpad, maar ook speelruimtes voor kinderen. Momenteel is het openbare groen gecentraliseerd aan het sport- en recreatiedomein Kouterslag, maar er zijn nog opportuniteiten zoals grote groenzones die in private handen zijn. Er zijn reeds voldoende voorbeelden waarbij privaat groen wordt onderhouden door gemeentediensten of de omwonenden en waarbij (mits goede afspraken) dit domein gedurende bepaalde uren wordt opengesteld voor het publiek.

Twee dossiers die de volgende legislatuur extra zwaar zullen wegen op de Vogelhoek (die qua bevolkingsdichtheid vergelijkbaar is met delen van Ledeberg en Gentbrugge) en meer in het bijzonder op de regio rond de Zwaantjesstraat en Akkerstraat is het bouwen van de nieuwe werkateliers van de NMBS en de oprichting van een bedrijvenzone in de oksel van de R4.

Beide dossiers zullen de buurt zwaar belasten qua veiligheid, verkeersdruk, geluids-, visuele en geurhinder en hierdoor de leefbaarheid hypothekeren. Momenteel wachten wij nog op de voorstelling van de aangepaste plannen.

Wij zijn ervan overtuigd dat er toch een aantal milieueffecten zijn, die nader onderzoek vereisen en milderende maatregelen moeten worden voorgesteld.

Wij verzetten ons niet tegen de bouw van een werkplaats omdat de werkplaatsen in Gentbrugge niet meer van deze tijd zijn, maar tot op heden kregen wij geen antwoord op een aantal pertinente vragen:

  • Waarom juist op deze locatie? Werden er alternatieven onderzocht?
    Wat was de uitkomst van dit alternatievenonderzoek ?
  • Waarom worden deze nieuwe werkplaatsen juist daar gelokaliseerd op dit terrein?
    Is een andere lay-out niet mogelijk?
  • De NMBS beloofde uitdrukkelijk dat over het landschapsplan verder ging gecommuniceerd worden. Maar tot op heden werd er hier geen gevolg aan gegeven.

De onbeantwoorde eenvoudige vragen en de ondoorzichtige manier waarop de NMBS de procedures voert, verplichten SP.A echter om samen met de omwonenden, ten gepaste tijde, hun en onze belangen in rechte te verdedigen.

Maar ook kleinere en daarom niet minder belangrijke thema’s verdienen onze aandacht:

  • De gemeentelijke dienstverlening afstemmen op vraag van de bewoners door bijvoorbeeld een gemeentelijke dienstverlening op Gontrode en de Vogelhoek te voorzien, een tweede huisvuilophaling tijdens warmere periodes, een klantvriendelijke onthaalruimte in het gemeentehuis, de personeelsbehoeften afstemmen op publieke dienstverlening.
  • Melle is voor heel wat inwoners een slaapgemeente. Solidariteit en sociale cohesie zijn belangrijk om vereenzaming te voorkomen van senioren en personen die het financieel moeilijker hebben.
  • Senioren zijn momenteel enkel vertegenwoordigd in verenigingen. Waar kan de individuele senior terecht met vragen en voor hulp?
  • De middenstand opnieuw leven inblazen.
  • Wat onderwijs betreft is ons standpunt altijd duidelijk geweest: behoud van het huidige karakter met een duidelijke verbondenheid met de gemeente, maar in een aangepaste omgeving met moderne infrastructuur.
  • Meer en meer vormen van intergemeentelijke samenwerking, zoals nu reeds bij politie en brandweer het geval is, maar dit kan ook voor huisvuilophaling en openbaar vervoer.’


Wat is jouw persoonlijke visie voor de toekomst van Melle?

‘De voorbije jaren in de oppositie waren leerrijk. In de gemeenteraad stelde ik meer dan 100 extra vragen omdat ik op een creatieve suggestieve wijze wou duidelijk maken waar er voor de meerderheid nog opportuniteiten lagen. Maar indien nodig maakte ik ook duidelijk waar zij soms ook de bal volgens mij missloegen.

Ik ben ervan overtuigd dat SP.A Melle na zes jaar oppositiecultuur een duidelijk beeld heeft van wat belangrijk is voor Melle en wat er reilt en zeilt. Wij zijn klaar om op een creatieve manier vernieuwing te brengen.

Melle zou van de nabijheid van Gent meer gebruik kunnen maken, maar ook omgekeerd heeft Melle als randgemeente allerlei troeven.

Melle blijft een aantrekkelijke woongemeente. Dat blijkt uit de bevolkingsgegevens. De bevolking van Melle groeit jaarlijks. Meer en meer gezinnen komen hier wonen. De komende jaren zal die evolutie niet verminderen. In 2011 werd de kaap van 11.000 inwoners overschreden, dankzij de instroom van nieuwe inwoners en een positief natuurlijk saldo. Niet alleen stijgt het aantal Mellenaars, ook haar samenstelling wordt diverser. Er zijn meer eenoudergezinnen met kinderen en alleenstaanden.
We leven langer. Melle verjongt en verkleurt.

Met SP.A zijn wij graag bereid om rekening te houden met deze opportuniteiten, maar wij zullen er ook over waken dat Melle zijn huidig gemeentelijk karakter behoudt en dat de leefbaarheid in de woonzones niet nog meer wordt bedreigd.

Het Melle waar ik van droom is een gemeente waar het betaalbaar, leefbaar en aantrekkelijk blijft om te wonen, te werken en te ontspannen.’