Samen met collega’s in de VS en Canada slaagde het team uit Melbourne erin om een proteïne te identificeren - CRMP-2 - dat bij MS-patiënten gewijzigd is. Ze vermoeden dat CRMP-2 voor zenuwcelschade zorgt als het interageert met een ander specifiek proteïne in de hersenen, het ruggenmerg of optische zenuwen.
 
De onderzoekers slaagden erin om met gentherapie de wijziging van CRMP-2 en de interactie te blokkeren in een laboratoriummodel van MS. 'We hebben het gen genomen, het resistent gemaakt voor schade en opnieuw ingebracht in het zenuwsysteem.'
 
Het onderzoek werd gepubliceerd in de recentste editie van het wetenschappelijke tijdschrift Brain.