Toen de federale regering besliste om vanaf einde maart de energieprijzen te bevriezen voor enkele maanden, protesteerden grote maatschappijen als Electrabel of EDF-Luminus hevig. Bovendien bleek dat ze zich in april niet aan de bevriezing hielden, doordat ze de wet anders interpreteerden dan minister van Consumentenzaken Johan Vande Lanotte (SP.A) en staatssecretaris voor Energie Melchior Wathelet (CDH) bedoeld hadden. Uit een onderzoek dat de Creg, de federale regelgever van de sector, gisteren vrijgaf, blijkt dat ze ondertussen wel degelijk de bevriezing respecteren en hun prijzen niet hoger liggen dan in maart. Sommigen daalden zelfs, zoals de bevriezingswet bepaalt.

Maar de prijsverschillen tussen de energiemaatschappijen blijven ondertussen groot. Een doorsnee Vlaams gezin kan nog altijd 624 euro (btw inbegrepen) uitsparen door voor de goedkoopste energieleverancier te kiezen, zo blijkt uit de cijfers van de Creg. Voor een gezin dat met gas verwarmt, gaat het om 440 euro, terwijl een doorsneegezin 184 euro op zijn elektriciteitsrekening kan uitsparen. Wie nooit zélf een keuze maakte voor een energieleverancier komt het duurste uit, zeker als hij daarvoor bij EDF-Luminus terechtkwam. Want die maatschappij blijkt voor de meeste contracten de allerduurste, gevolgd door Electrabel.

Electrabel kondigde vorige maand een prijsdaling aan voor al zijn contracten met een vaste prijs. Dat zou 200 euro opleveren voor een doorsneegezin. Het gaat dan wel om heel grote verbruikers, want een analyse van de cijfers van de Creg levert slechts een verschil van 84,7 euro op tussen de oude contracten met een variabele prijs en de nieuwe.

Maar de prijsdaling is dus reëel. En toch is ze nog onvoldoende om Electrabel bij de goedkopere maatschappijen te krijgen. Het prijsverschil met de goedkoopste bedraagt nog steeds 90 euro voor elektriciteit en 340 euro voor gas. 430 euro dus in totaal.

42 verschillende formules

De Creg constateert ook dat er niet minder dan 42 verschillende prijsformules zijn. 'Dit is totaal niet transparant. Dat willen we anders', zegt woordvoerder Laurent Jacquet. 'Nu hebben alle variabele contracten hun eigen indexeringsformule. Bij de ene gaat de gasprijs mee met die van steenkolen, bij de andere met die van aardolie. Daar willen we een einde aan maken. De gasprijs moet gebaseerd zijn op de gasmarkt, elektriciteit op de elektriciteitsmarkt, en niet op allerlei andere vergezochte criteria.'