In een klassiek proces lopen de belangen van de burgerlijke partij en van het openbaar ministerie gemeenschappelijk. Op dit proces stelde Naïma Zraidi, de echtgenote van de beschuldigde, zich burgerlijke partij. Zij ondersteunt echter de these dat haar man niet de doder van haar zoon is.

Meester Jean-Jacques Vandenbroucke, de raadsman van Naïma Zraidi, trad op als de woordvoerder van zijn cliënte. De advocaat vroeg de juryleden tijdens hun beraadslaging rekening te houden met de intieme overtuiging van zijn cliënte, volgens wie haar echtgenoot aan niets schuldig is. 'Want als hij het had gedaan, dan zou zij het weten', herhaalde meester Vandenbroucke.

Karim Itani, de raadsman van Wasir, de oudere broer van Younes, haalde uit naar de manier waarop de speurders de verhoren van zijn jonge cliënt voerden. De advocaat kwam terug op de videoverhoren van Wasir die hij "gespierd" noemde. 'Wasir was toen 8 en 9 jaar. Aan de stoel genageld, gedurende twee uren bestookt met onophoudelijke, listige en snijdende vragen. Ik ken geen verklaring voor die hardnekkigheid', aldus de advocaat. Weg van de camera zou de speurder aan Wasir gezegd hebben dat hij in een onthaalgezin zou geplaatst worden omdat hij had gelogen.

Aan het eind van de ochtend nam advocaat-generaal Ingrid Godart het woord namens het openbaar ministerie.