Zaterdag 28 april, elf uur 's morgens. Een inwoner van Kapellen merkt dat een lichtblauwe Ford Focus met Duitse nummerplaat opvallend traag door zijn straat rijdt. De man maakt deel uit van een buurtinformatienetwerk (BIN) en contacteert daarom de lokale politie van de zone Grens. Op haar beurt speelt die het bericht door naar niet minder dan 38 netwerken in de zone.

Honderden bewoners worden via een ‘BIN-flash' gealarmeerd en staan op de uitkijk. In het vlakbij gelegen Kalmthout ziet een BIN-vrouw de Focus passeren. Een interventieploeg van de politie en de wijkagent komen ter plaatse en houden het voertuig tegen. Tot hun verbazing zitten er twee Oost-Europeanen in. Wanneer de recherche de auto ondersteboven keert, treffen ze schroevendraaiers en ander inbrekersmateriaal aan. De verdachten kunnen worden gelinkt aan minstens twee inbraken in de zone.

De aanhouding van de twee Oost-Europeanen is geen alleenstaand geval in de politiezone die grenst aan Nederland. Recent kon het buurtinformatienetwerk ‘Kammenstraat' in Essen, zijn leden een lijstje doorspelen van 15misdadigers die door toedoen van de netwerken zijn opgepakt.

‘Van lokale daders over Nederlanders die de grens oversteken om hun slag te slaan tot bendes uit Roemenië en Litouwen', zegt coördinator Adrie Jongeneelen. ‘“Zonder jullie scherpe ogen zou dit niet mogelijk zijn”, schrijft de politie in haar mededeling. Dan zijn we content, natuurlijk.'

Volgens de FOD (federale overheidsdienst) Binnenlandse Zaken maken de ongeveer 500buurtinformatienetwerken in België vaker dan ooit het verschil tussen een opgeloste of onopgeloste zaak. ‘In de meeste gevallen gaat het om woninginbraken', zegt projectcoördinator Dafne Vanhelleputte. ‘Maar zeker in Vlaanderen zijn ze niet meer weg te denken uit het politiewerk.'

Voorlopig blijven de netwerken een zo goed als exclusief Vlaams verhaal. In Wallonië zijn er 25BIN's, in Brussel welgeteld één. ‘In Franstalig België is de naam sinds kort veranderd en sindsdien verbetert de situatie.'

Vaak is een reeks incidenten de aanleiding voor de oprichting. In de Kammenstraat was dat een inbrakenplaag zo'n vijf jaar geleden. Ook Jongeneelen kreeg ongewenst bezoek.

‘De inbreker was linkshandig. Tot op vandaag beklaag ik me nog altijd dat hij me van langs achter heeft aangevallen. In die tijd deden we onze achterdeur nog niet altijd op slot. Op een nacht begon onze hond te blaffen, ik stapte uit bed om een kijkje te nemen en kreeg een slag op mijn hoofd. Aan de linkerkant was een slagader geraakt.'

Het buurtinformatienetwerk ‘Kammenstraat' wordt gezien als één van de meest doeltreffende in Vlaanderen. Wie er binnenrijdt, wordt begroet door een bord met het typische roodblauwe logo –‘zeer ontmoedigend voor een Pool of zo die passeert' – en op bijna elk huis in de wat slaperige wijk kleeft dezelfde sticker. ‘Hoe meer, hoe beter. Anders maak je geen indruk op dieven.'

Samen met Johan Broos, de webmaster van de BIN-site, stuurde Jongeneelen dit jaar al een dertigtal ‘flashberichten' naar de leden. Soms gewoon met inbraak- of brandveiligheidstips, maar even goed met een dringende vraag van de politie om hulp. ‘Zelfs als er 's nachts iets binnenkomt, zet ik het meteen op de site', zegt Broos. ‘Het is niet de bedoeling dat we zelf klopjachten of patrouilles organiseren. Gewoon aandachtig zijn en de puzzelstukjes helpen samenleggen.'