Nicotinamide riboside, zo heet de vitamine. Het bestaan van de stof was al langer bekend, maar nu heeft een team aan de Ecole Polytechnique Fédérale van Lausanne onder leiding van professor Johan Auwerx (53) het nut ervan aangetoond. De studie verscheen in het vaktijdschrift Cell Metabolism. ‘Alles draait rond de mitochondriën, de energiecentrales die in onze lichaamscellen voedingsstoffen zoals suikers en vetten omzetten in energie', zegt professor Auwerx. ‘Als gevolg van ouderdom of ziekte presteren die centrales niet meer optimaal. Dat kan leiden tot stofwisselingziektes als obesitas en diabetes.'

Bij muizen werkt het

In een zoektocht naar een middel om die energiecentrales weer goed te laten functioneren, stootte het team van professor Auwerx op de in koemelk aanwezige vitamine nicotinamide riboside, kortweg NR. ‘Die blijkt de stofwisseling bij muizen te bevorderen. We hebben een eerste groep muizen op een vet snackbardieet gezet; een tweede kreeg dezelfde voeding voorgeschoteld, maar dan verrijkt met een flinke dosis NR. De muizen uit die tweede groep kwamen veel minder gewicht bij, ontwikkelden geen diabetes type2 en hadden ook een beter uithoudingsvermogen.' ‘We denken dat deze vitamine ook een antiverouderingseffect kan hebben', vervolgt de professor. ‘Er zijn aanwijzingen dat de mitochondriën een rol spelen in het verouderingsproces. Maar dat weten we pas binnen twee à drie jaar met zekerheid, wanneer de huidige muizen een natuurlijke dood zijn gestorven. Als de groep die elke dag de NR-vitamine kreeg minder ouderdomsziekten vertoont of –wie weet– langer leeft, dan kan de vitamine misschien zelfs een rol gaan spelen in de strijd tegen alzheimer of parkinson.'

In afwachting dan maar met z'n allen massaal aan de melkfles? ‘Zo eenvoudig is het niet. De bewuste vitamine zit in zo'n lage dosis in melk dat ze amper effect heeft. Daarom moeten we een bedrijf uit de sector van de voedingssupplementen zien te vinden dat deze vitamine in grote dosissen kan aanmaken. En we moeten nog nagaan hoe de mens erop reageert', zegt Auwerx.