Bij de nationalisering van Dexia Bank in oktober 2011 werd het prijskaartje voor de naamsverandering geschat op 30 miljoen euro. Het "rebranden" van de 809 lokale Belfiuskantoren, waarbij zowel het interieur als de buitenkant van de gebouwen wordt aangepakt, neemt een hap van zo’n 5,6 miljoen euro uit dat budget.
 
Vooral de externe aanpassing, inclusief het vervangen van lichtreclame, is het kostelijkst: gemiddeld zo’n 5.500 euro per kantoor.
 
Tot op vandaag zijn zes kantoren volledig en definitief omgevormd. Daarnaast dragen in totaal al 504 kantoren aan de buitenkant de tijdelijke ’Belfius’-uithangborden. Tegen 6 juli moet de merknaam ’Dexia’ dan volledig weg zijn uit het straatbeeld.
 
Dagelijks ondergaan 25 kantoren die facelift. Het vervangen van de tijdelijke naar de definitieve uithangborden moet, afhankelijk van afgeleverde vergunningen, rond zijn tegen mei 2013. Binnenin moeten tegen eind deze zomer alle kantoren het nieuwe rood-grijs-witte kleedje dragen.

'Zo zuinig mogelijk'
 
"We doen dit alles zo zuinig mogelijk", benadrukte vicevoorzitter van het directiecomité, Marc Lauwers. Hij verwees in die context opnieuw naar de kritiek die er was op het niet onmiddellijk vervangen van de in roulatie zijnde Dexia-kaarten.
 
"Het vervangen van de 2,3 miljoen debetkaarten en 600.000 kredietkaarten in omloop zou oplopen tot ongeveer 15 miljoen euro". "Maar vanaf 11 juni, de dag waarop Belfius juridisch afscheid nam van de vennootschapsnaam ’Dexia Bank België’, wordt wel geen enkele oude kaart meer afgegeven", zo helderde hij op. Wat de bank nog in stock had aan oude kaarten, is vernietigd.