Minister van Economie Johan Vande Lanotte (SP.A) ziet na de uitspraak nog geen reden om de wet op de sperperiode voor de koopjes aan te passen. Hij wacht een definitieve uitspraak van het Hof van Cassatie af.

'Bij de FOD Economie wordt bevestigd dat we juridisch een goed dossier hebben', zegt de minister op Radio 1. 'Tenzij het Hof van Cassatie of het Europees Hof van Justitie iets anders zegt, houden we ons aan die sperperiode.'

In de bewuste rechtzaak verwees de rechter in Dendermonde naar een arrest van het Europees Hof van Justitie om zijn besluit te staven. 'Dat verbaast me wat, omdat ook wij dat arrest gelezen hebben', reageerde Vande Lanotte. 'Wij lezen daar absoluut niet in dat de sperperiode tegen de Europese regels ingaat.'

Het Europees Hof laat de maatregel immers toe wanneer die bedoeld is om de kleine middenstanders te beschermen en hen toe te laten hun seizoensstock te verkopen, verduidelijkte de minister. 'Dan mag dat, en dat is nu eenmaal de bedoeling van de wet. Ik zie dus ook niet in waarom we de wet zouden moeten afschaffen.'

Prijsdalingen in de sperperiode mogen trouwens altijd, maar dan gelden je kortingen tijdens de solden ten opzichte van die verminderde prijzen, bracht Vande Lanotte nog in herinnering. 'Dan moet je dus nog meer zakken.'

De rechter in Dendermonde volgde de redenering van het Europese Hof van Justitie onder meer omdat ze de consument het recht op informatie ontneemt, zegt de advocaat van ZEB. Dat is de kledingketen die twee jaar geleden als eerste besliste om de sperperiode te doorbreken.

Dit belangrijke precedent zet de koopjeswet op losse schroeven, schrijft Het Laatste Nieuws. Iedere handelaar kan de koopjeswet nu immers aanvechten met deze uitspraak als voorbeeld. 'Wij verwachten dan ook dat de regering straks zal beslissen om de sperperiode aan te passen of af te schaffen', verklaarde ZEB-oprichter Luc Van Mol.