Een aantal assistenten is van Nederlandse afkomst en keert na de opleiding gewoon terug naar het thuisland. Desondanks blijft het aantal Vlaamse gynaecologen dat weg wil, onwaarschijnlijk hoog liggen.
 
Drie op de vier assistenten zeggen het beroep slechts deeltijds te willen uitoefenen; 30 procent zelfs slechts drie dagen per week. Dat heeft alles te maken met de vervrouwelijking. Tachtig tot 85 procent van de gynaecologen jonger dan 35 is een vrouw.
 
Van de antwoorden kwam 91 procent van vrouwelijke artsen; amper 9 procent van de respondenten waren mannen. Die mannelijke assistenten blijven opteren voor een voltijdse carrière. Slechts 13 procent wil op werkdagen altijd bereikbaar zijn en geen enkele gynaecoloog is nog bereid om de klok rond beschikbaar te zijn.
 
Assistenten gynaecologie vinden een privépraktijk minder aantrekkelijk vanwege de bijkomende administratieve en organisatorische belasting. De ziekenhuizen winnen weer aan aantrekkingskracht. Vierentachtig procent van de gynaecologen in spe is voorstander van een associatie met alle gynaecologen in het ziekenhuis en wil daarbij "een financiële pooling" aangaan.
 
In 2011 waren er in Vlaanderen 135 gynaecologen in opleiding geregistreerd. Zij kregen allen een enquête toegestuurd en de responsrate bedroeg 26 procent. Daarmee zijn de resultaten representatief, aldus de Specialistenkrant.