Het Europees gerecht verlaagt de boete die Microsoft moet betalen naar 860 miljoen euro. Daarmee bevestigt het in grote lijnen de beschikking die Europese Commissie in 2008 aan Microsoft oplegde.
De Europese Commissie en Microsoft vechten al jaren een juridisch steekspel uit. Europa vindt al lang dat de softwaregigant andere bedrijven te veel aanrekende voor het gebruik van bepaalde programma’s die nodig zijn om producten te doen draaien op computers met Windows, het besturingssysteem van Microsoft.
Eerder kreeg Microsoft al boetes van 497 en 280 miljoen euro. Omdat het bedrijf volgens de commissie te lang talmde om lagere tarieven te hanteren, kwam daar in 2008 nog een boete van 899 miljoen euro bij - de hoogste boete die de Europese Commissie ooit voor zoiets had opgelegd.
Microsoft tekende tegen die boete beroep aan bij het Europees Hof van Justitie, maar dat heeft nu de beschikking van de Europese Commissie, dat vindt nu ook dat Microsoft zich weigerde in lijn te stellen met de Europese concurrentieregels, grotendeels bevestigd. De boete die het softwarebedrijf moet betalen, wordt wel verlaagd verlaagd van 899 naar 860 miljoen euro.
De Europese Commissie verwerpt alle argumenten die Microsoft heeft aangevoerd om de nietigverklaring te verkrijgen.
De herziening van de dwangsom houdt rekening met een brief van de Europese Commissie waarin Microsoft werd toegestaan een bepaalde periode beperkingen rond de verkoop van 'open source-producten' op te leggen.