De aanbevelingen gelden voor toekomstige bouw- en/of aanpassingsprojecten voor studentenwoningen. Ze moeten worden gevolgd bij het indienen van een stedenbouwkundige vergunning.

Elke individuele woning moet een minimumoppervlakte hebben van 22 vierkante meter. De bewoonbare ruimte moet een keuken bevatten en een vertrek met sanitair, minstens een douche, wc en wastafel.

Collectieve woningen mogen maximaal twaalf kamers tellen per wooneenheid en moeten over gemeenschappelijke ruimtes beschikken, zoals een living of keuken. De oppervlakte van die gemeenschappelijke ruimte hangt af van het aantal studenten. De kamers hebben een minimale oppervlakte van 12 vierkante meter.

Studentenhuizen voor meer dan 50 studenten moeten beschikken over een conciërgewoning en een ontspanningsruimte waarvan de oppervlakte in verhouding staat tot het aantal studenten.

Bij Br(ik, de servicedesk voor Vlaamse studenten in Brussel, zijn ze tevreden met de aanbevelingen van de stad Brussel. ‘Wij hebben sterk aangedrongen op reglementering voor studentenwoningen’, zegt Kasper Demeulemeester van Br(ik. ‘We hebben zelf mee aan tafel gezeten met het stadsbestuur om de aanbevelingen op te stellen.’

De belangrijkste aanbeveling is volgens Demeulemeester het verplichte partnerschap met een hogeschool of universiteit. ‘Op die manier sluiten we uit dat een projectontwikkelaar een bouwvergunning aanvraagt voor studentenwoningen en die kamers achteraf gewoon verhuurt aan expats of andere bewoners’, zegt Demeulemeester. ‘Totnogtoe was daar weinig controle op, maar door het verplichte partnerschap kunnen we erover waken dat er effectief studenten in de koten en studio’s gaan wonen.’ Aan Vlaamse kant zijn alle hogescholen en universiteiten partner van Br(ik, waardoor die organisatie partner van een projectontwikkelaar kan zijn bij het bouwen van studentenbewoning.