‘Uit cijfers van Kind & Gezin blijkt dat de helft van de kinderen die in Dilbeek wordt geboren, niet het Nederlands als moedertaal heeft', vertelt Onderwijsschepen Jef Vanderoost (CD&V). ‘Ook die kinderen komen binnenkort in het basisonderwijs terecht.'

Het gaat om zo'n duizend anderstalige kinderen die school lopen in Dilbeek. Nog een opmerkelijk fenomeen is dat de Dilbeekse scholen helemaal vol zitten. Nochtans stijgt het geboortecijfers in Dilbeek niet. De groei van de Dilbeekse scholen heeft vooral te maken met een instroom uit Brussel. Veel mensen onderkennen dat wie Nederlands kent, laten op de arbeidsmarkt een voorsprong heeft. Anderzijds wordt de kwaliteit van het onderwijs in Dilbeek als beter beschouwd dan in Brussel.

Taalachterstand

Dat die evolutie specifieke problemen veroorzaakt, beamen Peter Op 't Eynde van de scholengemeenschap Dilbeek-Ternat en Ben Verhaevert van het gemeenschapsonderwijs. ‘Veel anderstalige leerlingen hebben een taalachterstand voor Nederlands zodat we voortdurend moeten investeren in bijsturingen', stelt Ben Verhaevert.

‘Willen we de kwaliteit van ons onderwijs hoog houden, dan moeten we er over waken dat de trein niet rijdt met de snelheid van de traagste wagon. Anderzijds is ook de communicatie met de ouders niet altijd simpel', luidt het nog.

Engageren

‘Aan anderstalige ouders die hun kinderen in Dilbeek naar school sturen, vragen we zich te engageren om hun kinderen ook naar Nederlandstalige verenigingen te sturen en om zelf ook Nederlands te leren', aldus schepen Vanderoost. ‘Helaas is dat niet afdwingbaar.

Leerlingen van Don Bosco Groot-Bijgaarden getuigden op de jongste 11-juliviering over de anderstaligheid bij hen op school, die ze enerzijds als een verrijking zien maar anderzijds ook als een factor die het niveau van de lessen doet dalen.

Minister van Onderwijs Pascal Smet kondigde in Dilbeek alvast een aantal maatregelen aan. Hij wil 53 miljoen euro per jaar extra vrijmaken voor een betere omkadering van anderstalige leerlingen in heel Vlaanderen.

Diagnosetest

‘Op zes en twaalf jaar komt er een verplichte diagnosetest voor anderstalige kinderen. Er komen aparte klasjes voor anderstalige kinderen waar ze eerst voldoende Nederlands leren vooraleer ze bij de grote groep kunnen aansluiten. Eventueel kunnen ze verplicht worden extra taallessen te volgen.'