Zijn advocate lijstte nog eens alle gelijkenissen tussen hem en Scott Manyo op. Allebei hier aangekomen toen ze zestien waren, allebei hun best gedaan om zich aan te passen, allebei aan het werken en het studeren tegelijk, allebei ingebed in een Vlaamse familie- en vriendenkring. En uiteindelijk allebei op dezelfde trein aangehouden wegens ongeldige papieren, in hetzelfde centrum gezeten, dezelfde weg doorlopen. Maar met op het eind een belangrijk verschil: Scott mag hier zijn studies afmaken, Parwais is sinds gisteren onderweg naar Afghanistan.

Wat hem daar wacht, weet niemand. Volgens zijn advocate is het niet eens zeker of hij het land binnengeraakt, bij gebrek aan papieren. Maar niemand, ook de staatssecretaris niet, kan garanderen dat hij daar veilig is.

Dezer dagen zit de hele wereld nog eens met afschuw te kijken naar een filmpje waarin een vrouw die van ontrouw verdacht wordt genadeloos wordt afgeknald, onder het goedkeurend oog van het hele dorp. Afghanistan is nog altijd een land in oorlog, een land waarover niemand durft zeggen dat het er op korte termijn weer goed komt. Naar dat land sturen we Parwais terug. Niemand kan daar helemaal gerust op zijn.

De staatssecretaris is karig met commentaar over individuele gevallen, en dus zullen we nooit weten wat het grote verschil is tussen de twee jongens. Zo blijft het vermoeden dat Parwais domweg de pech had de tweede te zijn. Na Scott ook hem laten blijven, had wel eens een stortvloed aan nieuwe vragen kunnen teweegbrengen. En we weten niet wat we daarmee moeten aanvangen.

Laat net dat het probleem zijn. Deze jongens zijn hier aangekomen toen ze zestien waren, hen toen snel terugsturen naar oorlogsgebied was geen optie. Vier jaar lang hebben ze geprobeerd hier een leven uit te bouwen. Maar nu ze meerderjarig zijn, vinden we dat ze dat het best in hun thuisland doen. Iemand moet zich toch afvragen of dat de juiste aanpak is?

Nu blijft alvast de indruk van willekeur hangen, als besliste een loterij over het leven van deze jongens. En dat is bijzonder schadelijk. Als het beeld onstaat dat de staatssecretaris de ene keer als een superheld de dag komt redden en de volgende keer niet komt opdagen, dan creëert dat meer onzekerheid dan draaglijk is.