De KLJ van Maarke hield vorige week haar jaarlijkse kamp. Dit keer trokken ze naar de Oostkantons. In Sankt-Vith verbleven ze op een weide naast een boerderij.

Het kamp begon niet zo best. ‘Al snel waren we bestolen’, zegt Kim D'hondt. ‘Twee bedden en speelgoed waren we kwijt. Op al die jaren zijn we nog nooit bestolen geweest. We mochten ons materiaal zelfs gewoon buiten laten liggen. Maar goed, het kamp begint, 't was mooi en warm weer. Alles verliep voorspoedig.’

‘Tot vrijdagnacht’, gaat Kim verder. ‘De jongsten waren al gaan slapen toen het plots hevig begon te regenen. En waaien. We gingen schuilen in de keukentent, toen we plots onze eettent door de lucht zagen vliegen. Iedereen hing aan de keukentent om te voorkomen dat ook die zou wegvliegen. Tot het niet meer houdbaar was en we iedereen verzamelden in de leidingtent, ook de kleinsten die we wakker moesten maken. De leidingtent is een legertent, en die zijn stevig. Maar niet sterk genoeg, want plots kwamen er scheuren in het dak en stroomde het water naar binnen.’

‘Dit maal liepen we met iedereen naar een loods van de boerderij. Alles wat nog niet nat was namen we mee. Daar zaten we dan, met 32 heel dicht opeen. 's Morgens konden we de schade opmeten. Twee tenten waren verloren, andere kunnen we nog herstellen.’

‘De zaterdag bleef het maar de hele dag regenen. Omdat de eettent, die ook diende als activiteitentent, kapot was, was het moeilijk om iedereen daar te houden. Daarom hebben we contact gezocht met de schepen van jeugd Guy Duwyn. Hij zorgde voor vervoer van de kleinsten op zondag zodat die naar huis konden.’

Maar nog was de ellende niet voorbij. ‘In de loop van het kamp was onze vlag al gestolen, op zaterdag hoorden we lawaai in de dichte omgeving. We gingen kijken en zagen vier mensen rondsluipen. We konden hun auto klemrijden en de politie verwittigen. Aan de agenten vertelden ze dat ze op zoek waren naar een fuif, maar daar geloof ik niks van. De politie vertelde ons dat er 70 kampen waren in Sankt-Vith en dat er een diefstallenplaag aan de gang was. De nacht van zondag op maandag hoorden we terug mensen rond de tenten sluipen. De laatste nachten konden we niet rustig slapen. Maar goed, ondanks de problemen en een kampeinde in mineur trekken we volgend jaar terug op kamp. Zeker weten.’

Waarna iedereen de container met spullen verder leeg maakte.