De schrijver hield het dagboek bij in 1991 en 1992, de jaren dat hij werkte aan zijn beroemde magnum opus 'De ontdekking van de hemel'. Het was niet bestemd voor publicatie.

Het was een bizarre en onovertroffen periode, zo blijkt volgens de uitgeverij uit het dagboek dat de gelauwerde auteur bijhield. 'Einde van een wonderbaarlijk jaar, politiek vol rampen, maar voor mij toch een annus mirabilis', besluit Mulisch zijn dagboek uit 1992.

'Terwijl Saddam Hoessein Koeweit binnenviel, werkte Mulisch gestaag aan zijn roman, met steeds nieuwe invallen en associaties die zouden leiden tot een boek waarin alles wat hij tot dan toe had geschreven, samenkwam', aldus de uitgever.

In 'De ontdekking van de hemel' komen alle thema's en obsessies uit het werk van Mulisch in 65 hoofdstukken bijeen. Er zijn in binnen- en buitenland meer dan een miljoen exemplaren van het boek verkocht.