‘Ik stond nog maar net onder de douche toen ik verbrand plastic rook. Toen daar ook nog eens rook bijkwam, wist ik het meteen: wegwezen’, zegt bewoner Johan B. (29), in het dorp ook bekend als ‘den John’. Hij ziet zijn familienaam liever niet in de krant, maar zijn verhaal wil hij wel kwijt.

Het huurhuis waar de man samen met zijn vriendin woont, werd in de nacht van vrijdag op zaterdag geteisterd door een korte, maar hevige brand. Met de hulp van zijn vader komt hij nog wat bruikbare spullen uit het onbewoonbare huis halen. Veel is het niet, want het grootste deel van zijn hebben en houden is in rook opgegaan. ‘Toen ik naar beneden kwam, brandde de lamp in de gang nog, maar er kwam rook uit. Tegelijk hoorde ik iets kapot springen of vallen. Er was vooral veel rook, vuur heb ik niet gezien.’

Toch liep hij lichte brandwonden op aan wang en arm. ‘Van de hitte allicht. Ik heb mijn vriendin verwittigd en wou mijn hond meenemen, maar dat ging niet vanzelf. Uiteindelijk liet het dier zich toch naar buiten leiden. Daar zag ik mijn auto op de oprit staan. Ik besefte dat die in de weg zou staan voor de brandweer en ben terug naar binnen gegaan om mijn autosleutels te nemen, maar dat is niet gelukt.’

De rook dreef Johan terug naar buiten. Daar werden hij, zijn vriendin en hond meteen opgevangen door de buren die ter hulp snelden. ‘Zij sloegen een deken om mij heen. Ik denk dat het rond één uur was. De brandweer arriveerde twintig minuten later met drie wagens.’

Op dat ogenblik sloegen de vlammen aan de zijkant van het huis uit een raam. Toch hadden de brandweerkorpsen van Lennik en Halle weinig moeite om het vuur onder controle te krijgen. Maar de schade op het gelijkvloers is aanzienlijk. ‘Alles is vernield. De veranda is volledig weggesmolten. Alleen de garage is zo goed als intact gebleven. Wellicht ontstond de brand aan het tv-toestel. Kortsluiting of implosie, dat is nog niet duidelijk’, aldus Johan. Hij werd naar het ziekenhuis van Halle gebracht omdat hij rook had ingeademd, maar na het toedienen van zuurstof mocht hij weer weg. ‘Dakloos zijn we niet. We worden opgevangen door mijn ouders. De burgemeester bood al een vervangwoning aan en van onze verzekeraar mogen we een paar dagen op hotel. We zien wel.’