Liefst 7,6 procent van alle in 2011 actieve zelfstandigen is 65 jaar of ouder. Ter vergelijking: bij de werknemers bedraagt dat aantal nog niet eens 1 procent. Bovendien nam het aantal zelfstandigen dat nog aan de slag is na de wettelijke pensioenleeftijd de voorbije vijf jaar flink toe: in 2007 ging het nog om 62.686 zelfstandigen, in 2011 waren het er al 73.691. 'Steeds meer zelfstandigen stellen hun pensioen nog even uit', zegt Christine Mattheeuws, voorzitter van het NSZ. 'Vaak uit bittere noodzaak.'

Het gemiddelde zelfstandigenpensioen bedraagt 787 euro, terwijl het gemiddelde pensioen van ambtenaren 2.370 euro bedraagt en dat van werknemers 1.076 euro. 'Een vijfde van de gepensioneerde zelfstandigen moet zelfs zien rond te komen met minder dan 500 euro per maand', vervolgt Christine Mattheeuws. 'Ons pensioenonderzoek van vorig jaar wees uit dat 94 procent van de zelfstandigen vreest niet rond te komen met zijn wettelijk pensioen en dat één op de tien uit bittere noodzaak na zijn 65ste aan de slag zou blijven.'

Er moet volgens het NSZ nog heel wat worden bijgestuurd, met als uitgangspunt de wettelijke pensioenen van alle statuten gelijk te schakelen. 'Onlangs werd het gezinsminimumpensioen van zelfstandigen al gelijkgeschakeld met dat van werknemers. Nu komt het erop aan om ook de kloof te dichten bij de minimumpensioenen voor alleenstaanden', aldus nog Mattheeuws.