De autoriteiten benadrukken dat het onderzoek zich nog in een zeer prille fase bevindt. Ze verdenken Deutsche Bank er ook niet van na 2008 nog fondsen te hebben doorgestort aan Iraanse klanten via de VS. De bank besloot naar eigen zeggen in 2007 al dat het 'zich niet zou inlaten met nieuwe transacties met tegenpartijen in landen als Iran, Syrië, Soedan en Noord-Korea en bestaande deals in de mate van het mogelijke zou afbouwen'.

Het onderzoek naar Deutsche Bank kadert in een ruimere serie onderzoeken die sinds 2009 lopen tegen financiële instellingen die ervan verdacht worden geld te hebben doorgespeeld naar Iraanse banken en vennootschappen.

Volgens The New York Times vrezen de Amerikaanse openbare aanklagers wel dat een regeling van 340 miljoen dollar tussen een New Yorkse bankentoezichthouder en de Londense Standard Chartered bank nu het beeld kan geven van onenigheid en een gebrek aan coördinatie tussen de verschillende Amerikaanse autoriteiten, wat buitenlandse banken en regulatoren zou kunnen afschrikken om met hen samen te werken.