Pasgeborenen slapen, eten, maar wenen vooral de eerste zes maanden, en dat laatste bezorgt heel wat ouders grijze haren. Sommige ontwikkelingspsychologen pleiten voor zoveel mogelijk fysiek contact met de baby'tjes omdat ze sociaal voelende wezentjes zijn. Onderzoekster Penelope Leach ging recent nog een stapje verder door te stellen dat wenen schadelijk is voor het nog piepkleine brein van de mensjes. Anderen vinden het dan weer best oké dat je de kleintjes ‘gecontroleerd' laat wenen, om hen het juiste eet- en slaappatroon aan te leren.

Die laatste groep krijgt er opnieuw een stem bij met een studie van dokter Anna Price, van de University of Melbourne, gepubliceerd in het vakblad Pediatrics. Onderzoekers screenden 326 baby's vanaf zeven maanden. De kinderen werden onderverdeeld in twee groepen. Slechts één van twee kreeg slaaptechnieken aangeleerd. Ouders moesten o.a. kamperen in de babykamer, op een stoeltje, tot hun huilende kind zichzelf in slaap wiegde. Ze werden ook gevraagd hen gecontroleerd te laten wenen: twee minuten, de eerste nacht, vijf minuten de tweede, tien minuten de derde, tot de baby uiteindelijk vanzelf indommelde.

Aanrakingen

Met succes: de ouders én de kinderen die de technieken toepasten, sliepen langer, de mama's waren minder gestresseerd en hadden minder postnatale depressies dan hun collega's uit de andere groep. En ook op lange termijn – de baby's werden opnieuw onderzocht toen ze zes jaar waren – bleken ze geen emotionele schade te hebben opgelopen van hun gecontroleerde huilbuien. ‘We kunnen jonge ouders dan ook deze twee slaapmethodes aanbevelen', besluit Anna Price.

In Vlaanderen zegt Kind en Gezin via hun website: ‘Bijna elke boreling wordt rustiger bij aanrakingen. Probeer ze niet te beperken tot de momenten waarop hij huilt, anders leert hij dat huilen de enige manier is om aandacht te krijgen en opgepakt te worden.'

‘Voor baby's die wat ouder zijn – acht tot negen maanden – is gecontroleerd laten wenen dan weer wel een uitstekende methode. Die ook gepromoot wordt door kinderpsychiaters', legt osteopaat Stefan Hermans uit. ‘Begin met tien minuten, troost ze en verlaat onmiddellijk de kamer. Telkens doe je er vijf minuten bij, tot je kind – en misschien ook jij – eindelijk slaapt.'