Het fraaie domein van de oude watermolen in de Asbeekstraat was de jongste vijftien jaar de creatieve thuis van Kaat Tilley. De laatste jaren hield ze er ook haar ‘salons de rencontre’. In het weekend van 23 juni was Kaat van plan om een grote verkoop te houden van een reeks collectiestukken, accessoires en juwelen, maar ze overleed een dag eerder aan een acute infectie. Bijna drie maand later vonden haar dochters Epiphany en Rebekka de moed toch de deuren te openen voor de vele bewonderaars die Kaat had en heeft.

In het atelier mochten slechts vijftig mensen tegelijk binnen, maar zaterdag stonden tegen 11 uur al 300 mensen aan te schuiven. Wie zin had kon intussen in de schuur een tentoonstelling van Tilley's werken bekijken. De vrouw van Panamarenko, een goede vriendin van Kaat, verzorgde mee de koffiebar.

‘Ik wilde er vandaag bij zijn. Ik kende Kaat al zeker twintig jaar. Ik draag vrijwel elke dag minstens één stuk van haar’, vertelt Nadine De Poorter uit Waregem. ‘Ik ontmoette haar het laatst in maart. Ik had een kleed gezien, maar ze ging het nog aanpassen. Ik hoop dat het stuk er nog is. Kaat koos niet voor de makkelijkste weg. Haar kleren hadden niets te maken met mode. Ze kon doen wat ze wou. Kaat was een grote artieste.’

Elke Mannaert en haar tante Lieve Spruyt zijn respectievelijk een achternicht en een rechtstreekse nicht van Kaat. ‘Als kind nam de moeder van Kaat mij en mijn zus, de mama van Elke, elke zomer mee naar zee, samen met Kaat en haar zus. Kaat heette toen nog Karin. We kibbelden nogal wat af, als kinderen welteverstaan’, vertle Lieve. 

Elke kocht een tuniek en een ring, Lieve oorringen en een ‘debardeurke’. ‘Vooral om sentimentele reden’, zegt Elke. ‘Ik had de ring al gezien op de vorige opendeurdag en vond hem heel mooi. Ik ben onmiddellijk naar het kamertje met de juwelen gegaan en hij was er gelukkig nog.’