Het lijk van Ophélie Begnis (25) uit het Franse Lyon werd op 9 februari aangetroffen, drijvend op een rivier in het zuiden van de Cambodjaanse stad Kampot. De vrouw had geen kleren aan. Aan haar hoofd en armen werden zware verwondingen vastgesteld.

Idyllisch meer

De politie stond voor een raadsel. Een ongeval of zelfdoding was uitgesloten. Het stond meteen vast dat de vrouw vermoord was, en misschien ook verkracht. Maar de hamvraag bleef: door wie?

Vrij snel kwam er een tip dat het slachtoffer voor het laatst gezien werd op haar fiets vlak bij Olly’s Place. Dat is een gastenverblijf voor rugzaktoeristen aan een idyllisch meer net buiten Kampot, uitgebaat door Olivier Van Den Bogaert (41). De man werd opgepakt en verhoord. Maar uiteindelijk werd de Vlaming weer vrijgelaten.

Toch vonden de speurders zijn gedrag bijzonder verdacht. Zo had hij in de periode van de moord onder meer via Facebook laten weten dat hij zijn gastenverblijf te koop had gezet. ‘Na drie jaar in Cambodja ben ik hier nog steeds niet in staat een gesprek aan te gaan met een vrouw. Net daarom denk ik eraan te verhuizen naar Brazilië.’

Bedoelde Van Den Bogaert met die ‘vrouw’ Ophélie ­Begnis? Besefte hij dat de speurders hem zouden ontmaskeren als moordenaar en wilde hij daarom zo snel mogelijk zijn gastenverblijf verkopen?

Opmerkelijk is het in ieder geval, want Olivier Van Den Bogaert leek in Kampot juist zijn droomleven te hebben gevonden. ‘Mijn leven in België stelde niets voor. Ik verloor er mijn job door de financiële crisis en ik was er niet gelukkig. Maar sinds ik in Cambodja ben, heb ik een fantastisch leven’, verklaarde hij eerder in een interview.

Plots weer op terrasvan Olly’s Place

Toch kon Van Den Bogaert na zijn eerste arrestatie schijnbaar niet snel genoeg weg uit Cambodja. Hij verkaste even naar Thailand om zijn ex-vrouw en kindje te bezoeken en hij had plannen om naar Ecuador te verhuizen. Maar uiteindelijk keerde de Vlaming eind maart toch terug naar Olly’s Place, dat intussen in handen van nieuwe uitbaters was.

Maar dat was de Cambodjaanse politie natuurlijk niet ontgaan. Na wekenlang onderzoek hadden ze intussen genoeg bewijzen verzameld tegen de Vlaming. Ze verdenken hem ervan dat hij Ophélie Begnis toegetakeld heeft en daarna gedumpt in het water.

Toen ze Van Den Bogaert dinsdagmiddag op het terras van zijn voormalige gastenverblijf zagen zitten, sloegen ze toe. ‘Plots stonden hier tal van agenten om Olly in de boeien te slaan’, zei de Fransman Sebastien – die Olly’s Place overnam – gisteren aan de telefoon. ‘Ik vroeg aan de politie waarom Olly mee moest, maar ze wilden niets zeggen.’

Sebastien wist niets af van een gerechtelijk onderzoek. ‘Olly een meisje vermoorden? Daar zie ik hem niet toe in staat.’

Van Den Bogaert ontkent elke betrokkenheid bij de moord. Aan vrienden en familie gaf hij eerder te kennen dat hij zelf bedreigd werd door uitbaters van een ander gastenverblijf. Vandaag verschijnt hij voor de rechter, die over zijn verdere aanhouding moet beslissen.