Dat het nieuwe verkeersreglement pas volgende zomer ingaat, heeft zo zijn redenen. Er ligt immers nog een berg werk op de plank. Met de nieuwe wegcode voert Schouppe, uitgesmeerd over een wetsontwerp van 216 pagina’s, liefst 540 nieuwe verplichtingen in. Overal te lande moeten de gewesten nieuwe verkeersborden plaatsen of nieuwe markeringen aanbrengen.
Dat neemt niet weg dat het gloednieuwe verkeersreglement volgens Schouppe toch een leesbaar en helder document geworden is. ‘We hebben ons verkeersreglement aangepast aan internationale afspraken, zodat het doorgaand verkeer in ons land niet plots voor verrassingen komt te staan. We hebben alles ook eenvoudiger proberen te formuleren en een logische structuur uitgedacht.’

Extra verkeersborden

Opvallend is dat er tal van verkeersborden bijkomen. Ook die opmerking probeert Schouppe te pareren. ‘De jongste jaren was er een wildgroei aan niet-officiële verkeersborden ontstaan. Die wildgroei proberen we op te vangen door een aantal nieuwe officiële verkeersborden aan de wegcode toe te voegen’, verduidelijk Schouppe. Zo komen er gevaarsborden voor een zachte berm, mist, files en ongevallen. Er komen gebodsborden die het gebruiken van dimlichten in tunnels verplichten. Er komt ook een parkeerbord, dat parkeerplaatsen voorbehoudt voor elektrische voertuigen. Andere borden verdwijnen, zoals het verbodsbord voor uit de mode geraakte stootkarren. Hoeveel borden overal te lande moeten worden opgesteld of weggehaald, kan het kabinet-Schouppe op dit moment nog niet zeggen.

Drie jaar werk

Volgens de staatssecretaris was een nieuwe wegcode hoe dan ook noodzakelijk. De vorige dateerde van 1975 en was zo vaak aangepast dat zelfs specialisten er hun weg in verloren. ‘Er circuleerden zelfs afwijkende teksten, wat in politierechtbanken tot serieuze betwistingen leidde’, aldus Schouppe. ‘Op sommige punten sprak de wegcode zichzelf gewoon tegen.’
Aan het nieuwe reglement is drie jaar gewerkt en geschreven, in overleg met tal van specialisten en verenigingen, tot zelfs de Gezinsbond toe, en het spreekt nu voor het eerst over nieuwe begrippen als ritsen, speelstraat of woonerf.

‘Tegen het najaar willen we het Koninklijk Besluit ondertekend zien. Daarna volgt er uiteraard een overgangsperiode. We willen iedereen de kans geven zich goed te informeren. Politiekorpsen en -rechters moeten zich bijscholen, examencentra moeten hun proeven aanpassen, wegbeheerders moeten nieuwe verkeersborden en wegmarkeringen aanbrengen en ook het grote publiek moet worden ingelicht.’