'Het nieuws over het onverwachte overlijden van Lisa is hier als een bom ingeslagen', reageert Martin Verfaillie, directeur van de Gentse Vrije Handelsschool Sint-Joris. 'Iedereen, personeel en leerlingen, is van de kaart door het trieste nieuws. Wij zijn verstomd, verbaasd, hebben verdriet en kunnen haar dood niet plaatsen. Er rest ons enkel nog later deze week op gepaste wijze afscheid te nemen van Lisa, die hier les volgde in het vierde middelbaar.'

De berichten van leerlingen in het rouwregister hebben vrijwel allemaal dezelfde teneur. 'We hebben het echt niet zien aankomen. Had je maar..., hadden wij maar...' Hoewel velen op de hoogte waren van de pesterijen, kon toch niet vermeden worden dat het meisje ontredderd uit het leven stapte.

Een week voor Lisa's dood kreeg de directie bezoek van haar moeder. Ze had al een tijdje door dat haar dochter zichzelf niet meer was, dat ze met een groot probleem kampte. Ze kwam met de dringende melding dat Lisa gepest werd. Alvast ook via de sociale netwerksite Facebook. En niet zomaar een keer, maar al een tijdje. Cyberpesten is een vorm van pesterij waar een school hoe langer hoe meer mee geconfronteerd worden, maar waar ze door de band weinig grip op heeft.

Excuusbrieven

'We zijn meteen in actie geschoten en hebben de juiste personen ingelicht', aldus directeur Verfaillie. Leerlingenbegeleiding werd ingeschakeld en de klastitularis werd gebrieft. Op de speelplaats en in de refter werd Lisa discreet in de gaten gehouden. Ook volgden individuele gesprekken met Lisa en de pestkop(pen). Nadien vond ook een groepsgesprek plaats met alle betrokken partijen.

Alles leek na het schrijven van enkele verplichte excuusbrieven genormaliseerd. Maar het bleek onvoldoende. Lisa zag geen licht meer aan het eind van een donkere tunnel, bleef afwezig op school en besloot een week nadat haar moeder aan de alarmbel trok haar leven te beëindigen. Alle inspanningen van verschillende mensen en instanties bleken onvoldoende.

Had haar dood dan echt niet vermeden kunnen worden? 'Het is de grote frustratie van onze samenleving', zegt Grieke Forceville, directeur van het Centrum ter Preventie van Zelfdoding. 'Soms blijken grove, complexe problemen die iedereen kent en iedereen wil oplossen, toch onoplosbaar. Daar zijn genoeg voorbeelden van te bedenken. Anders zou onze maatschappij een stuk perfecter zijn.'

Preventieve communicatie

'Wanneer tieners signalen geven dat ze niet langer willen leven, is dat een zeer acuut probleem en moet er op heel veel vlakken tegelijk gewerkt worden', zegt Forceville. 'Dat is, zoals ik verneem, hier ook gebeurd. Scholen moeten nog meer tijd en energie steken in preventie. Desnoods door vakken anders te benaderen, meer tijd uit te trekken voor individuele gesprekken en groepsgesprekken. Opdat opgroeiende jongeren hun sociale vaardigheden verder kunnen ontwikkelen. En weerbaarder worden bij tegenslagen.'

Volgens Forceville moet getracht worden met een positieve en open communicatie het gebrek aan zelfvertrouwen bij jongeren op te krikken. Dat houdt ook in dat pestkoppen worden geconfronteerd met hun daden en dat men hen laat praten over hun fouten. Gepeste tieners moet men door gesprekken dan weer laten inzien dat er oplossingen bestaan.

'De maatschappelijke druk is zeer groot', zegt Forceville. 'Wie niet mondig is of niet op de juiste manier kan omspringen met problemen, komt in een probleemsituatie terecht. Op die problematiek moeten we nog harder inzetten. Preventief werken rond moeilijke thema's als pesten kan alleen maar heilzaam werken. Vele scholen doen hun uiterste best, maar het moet beter.'

Waar is het fout gegaan?

Gie Deboutte, voorzitter van Netwerk Kies Kleur tegen Pesten, spreekt bij zulke tragische omstandigheden altijd van een collectief probleem. 'Je mag nooit één iemand met de vinger wijzen.' Hij raadt de school aan een expert te raadplegen. 'Laat iemand extern de klas begeleiden in het rouwproces, laat hem de zaak proberen rechttrekken. De focus moet liggen op een herstelgerichte aanpak. Waar is het fout gegaan? Al pratend moet naar antwoorden gezocht worden. Maar het tragische aan deze situatie is dat de zaken onomkeerbaar zijn. En dus niet goedgemaakt kunnen worden.'