'Je overschat jezelf en je onderschat je slaperigheid. Ik voelde zelf niet hoe ik aan het zwalpen ging.' Proefpersoon en rijinstructeur Alexander Van den Broeck was verrast na zijn deelname aan een onderzoek naar rijden en slaap. Het past in een researchproject van de VUB, de KUL, de UA en het IWT. Ook de VAB werkte eraan mee.

Vier teams legden de 740 kilometer van Zwijndrecht naar Macon in Bourgondië af, een typisch traject naar het zuiden. De heenrit vertrok vrijdagavond om 20 uur. De terugrit op zondagochtend, na een goede nachtrust. Wagens en bestuurders waren uitgerust met een reeks meetinstrumenten. Zo checkte een cameraatje op een bril of de ogen dichtvielen.

Het bleek dat wie overdag reed, omstreeks 14 uur een dipje kreeg, en maar net in de risicozone van slaperigheid kwam. Wie 's nachts reed, zat veelvuldig in de risicozone en zelfs vijf keer in de fase dat het gevaarlijk werd. Er kan dus maar één advies klinken: rij niet 's nachts. Doe je het toch, plan dan voldoende pauzes (om de 2 tot 2,5 uur), die lang genoeg duren (25 minuten).

Twee koppen koffie verhogen de alertheid gedurende maximaal twee uur. Wordt de slaapbehoefte te groot, parkeer dan op een veilige plek en doe een dutje van een kwartier. Neem een tweede bestuurder mee aan boord, zodat je geregeld het stuur kunt doorgeven. Een wakkere passagier helpt ook om ongevallen te voorkomen.

De VAB geeft aan dat er behalve de veiligheid nog een doorslaggevend argument is om niet 's nachts te rijden. Wie in een vakantieweekend in de nacht van vrijdag op zaterdag vertrekt, komt tegen de ochtend toch in de grote files in Frankrijk, Zwitserland, Duitsland of Oostenrijk terecht. Later op zaterdag - na 9 uur - vertrekken is beter.

Vooral jongeren

Uit een online-enquête bij meer dan drieduizend bestuurders leert de VAB dat vooral jongeren (-25 jaar) 's nachts rijden. Zij rijden ook gedurende langere tijd en leggen meer kilometers af. Oudere bestuurders verkiezen de zaterdagochtend.

In het voordeel van de jongeren pleit dan weer dat ze vaker van bestuurder wisselen. Bij de 55-plussers is de partner vaak geen kandidaat-bestuurder.

Bestuurders die in slaap vallen, belanden naast de rijweg, hebben een kop-staartbotsing of knallen tegen een obstakel zonder dat er remsporen zijn. Slaperigheid zou een factor zijn in 4 tot 16 procent van de ongevallen met personenwagens, en zelfs in 28 procent van de dodelijke ongevallen.