De ruilbeurs in de sportzaal van Start 65 trekt elk jaar heel wat volk. ‘We komen om onze verzameling aan te vullen', zeggen Annie en Koos uit Nederland. ‘Op zo'n internationale ruildagen kun je vaak series op de kop tikken die je anders niet vindt. De rit van 300kilometer hebben we er graag voor over.' Ook verzamelaars uit Duitsland, Luxemburg, Spanje en Frankrijk kwamen naar Halle. ‘Het is een leuke hobby', zeggen verzamelaars uit Frankrijk. ‘Door te verzamelen steek je heel wat op over de onderwerpen op de sigarenbandjes. Het is een passie.'

De Halse Hobbyclub was organisator van dienst, samen met de nationaal georganiseerde Algemene Vereniging van Bandjesverzamelaars. ‘Deze ruilbeurs is de enige internationale beurs die er in België nog bestaat. Daarnaast heb je er ook nog eentje in Duitsland', zegt voorzitter Omer Temmerman. ‘Vroeger organiseerden we deze ruildag regelmatig in zaal Atlanta in Lembeek. Toen die zaal sloot, hadden we niet onmiddellijk een andere locatie. Daarom sloegen we vorig jaar een jaartje over.'

Zestigers

Op de ruilbeurs opvallend veel zestigers of oudere mensen. ‘Ja, jongeren warm maken om sigarenbanden te verzamelen wordt hoe langer hoe moeilijker. We hebben het ooit geprobeerd via de scholen. Op de eerste vergadering dagen er dan wel enkelen op, maar die stoppen daarna weer even snel. Computer en tv zijn een te grote concurrent', schudt Omer Temmerman het hoofd. ‘Verzamelaars van sigarenbandjes zijn net als postzegelverzamelaars een uitstervend ras. We merken dat in onze eigen Hobbyclub ook. Daar is tegenwoordig het verzamelen van champagnekurken veel populairder. Bij de nationale vereniging van sigarenbandjesverzamelaars zijn nu nog slechts 96verzamelaars geregistreerd in België, een absoluut dieptepunt.'

Omer Temmerman kan zelf prat gaan op de grootste verzameling sigarenbandjes in België met zowat één miljoen exemplaren. ‘Ik heb een speciale kamer in mijn woning ingericht om die verzameling onder te brengen', zegt hij. Daarnaast heeft hij een grote collectie postzegels. ‘Ik ben er mee begonnen toen ik acht jaar was via een nonkel. Die microbe heeft me nooit meer los gelaten.'