meetbare verschillen tussen Vlamingen en Walen op de werkvloer

Onze Waalse collega’s kunnen niet volgen

Print
Onze Waalse collega’s kunnen niet volgen

Foto: marec

De Vlaamse werknemer is een werkpaard, zijn Waalse collega een tamme luiaard. Het cliché is zo hoog als een huis, maar het wordt wel min of meer bevestigd door economische studies – onlangs nog door een onderzoek van drie Waalse (!) proffen. Volgens Jan Van Doren, adjunct-directeur van het ondernemersnetwerk Voka, ziet het er niet zo goed uit voor de Waalse werknemers. De cijfers op een rijtje.

1 Welvaart

Vlaming draagt dubbel zoveel bij
Het welvaartsniveau kan gemeten worden aan de hand van het bruto binnenlands product. Dat is de som van alle producten, diensten, lonen en winsten in een land. In België is het verdeeld als volgt: Vlaanderen neemt 63,2 procent voor zijn rekening, Brussel 9,2 procent, Wallonië 27,5 procent. Het cijfer is aangepast aan de 200.000 Vlaamse en de 100.000 Waalse pendelaars die in Brussel komen werken.

 2 Productie

Vlaamse werknemer 13 procent productiever
De productiviteit wordt berekend door alle gecreëerde toegevoegde waarde in de economie, te delen door het aantal werkenden (zelfstandigen en loontrekkenden). De productiviteit van de Vlaamse werkende ligt 13 procent hoger dan die van de Waalse.

 3 Loon

Waals loon minstens 7 procent lager
De Walen worden duidelijk minder betaald. De lonen van de Vlamingen liggen 7 procent hoger dan de Waalse. Het loonverschil voor de kaders kan zelfs oplopen tot 16 procent, ten nadele van de Walen.

 4 Concurrentiële kracht

Waal hinkt 5 procent achterop
Het concurrentievoordeel of de competitiviteit kan je berekenen door lonen en productiviteit te vergelijken. Hoewel de lonen lager liggen in Wallonië, gaat dat voordeel teloor door de lage productiviteit. Slotsom: concurrentievoordeel voor de Vlamingen van 5 procent tegenover de Walen.

5 Ambtenarij

Meer ambtenaren, minder ondernemers in Wallonië
In Wallonië worden veel meer mensen tewerkgesteld in de openbare sector dan in Vlaanderen. In Wallonië werkt 40 procent in de publieke sector, onderwijs inbegrepen, en 60 procent in de privé. In Vlaanderen werkt 25 procent in de publieke sector en 75 procent in de privé. Conclusie: Wallonië heeft het niet gemakkelijk om ondernemers aan te trekken.

 6 Werkloosheid

8 procent in Vlaanderen, 20 procent in Wallonië
De werkloosheid in Vlaanderen lag in 2003 gemiddeld op 7,9 procent, maar in Wallonië op 19,9 procent. De werkzaamheidsgraad (het aandeel werkenden in de leeftijdsgroep 15 tot 65) ligt in Vlaanderen op 62,9 procent, in Wallonië op 55,4 procent en in Brussel op 53,2 procent.
Vlaanderen doet het beter, maar lang niet goed, want van Europa moet de werkzaamheidsgraad op 70 procent liggen. Ook negatief voor Vlaanderen is dat we zeer weinig 55-plussers aan het werk houden. Van de 55-plussers is in Vlaanderen 26,5 procent aan het werk, in Wallonië 29,1 procent en in Brussel zelfs 35,5 procent. Kortom: voor Vlaanderen is de vergrijzingproblematiek dringender dan voor Wallonië.

 7 Rosetta bestaat

Veel ongeschoolde Waalse jongeren
De scholingsgraad ligt in Wallonië dramatisch laag. Van alle werknemers ligt In Vlaanderen ligt het aandeel laaggeschoolden (lager secundair) op 35 procent, in Wallonië op 40 procent. Bij de jongeren worden de verhoudingen nog schever. Van de jongeren tussen 25 en 34 jaar is in Vlaanderen 19 procent laaggeschoold, in Wallonië 27 procent. De kwaliteit van het onderwijs is ook belabberd in Wallonië. Een onderzoek van de Oeso bij 15-jarigen zet Vlaanderen op nummer 1 voor wiskunde en nummer 5 voor wetenschappen. Wallonië haalde de 24ste en de 32ste plaats. Ook de Waalse lessen Nederlands zijn een lachertje.

 8 Te lui om te pendelen

Dubbel zoveel Vlaamse werknemers in Brussel
De Walen zijn erg honkvast. Ze vertikken het te pendelen en willen zeker niet in Vlaanderen gaan werken. Slechts 3 procent van de Waalse werknemers werkt in Vlaanderen. Brussel heeft 200.000 Vlaamse pendelaars tegenover 100.000 Waalse. Wallonië is dan ook een mooi land, met veel ruimte. Er is nog veel plaats, vooral voor industrie dan. Vlaanderen is helemaal volgebouwd en onze wegen staan vol files. Vlaanderen moet de komende jaren ook immense investeringen doen voor infrastructuur die in Wallonië niet hoeven: de IJzeren Rijn, de uitdieping van de Schelde, de Lange Wapper, noem maar op.