België stuurt 36 soldaten naar Haïti

Print

Opgelet, sommige beelden zijn heel schokkend Foto: © Mark Renders

Alsmaar meer mensen proberen Haïti te verlaten. Ze vrezen dat de chaos en de wanhoop snel zullen overslaan in woede en terreur. Ons land stuurt tot 36 soldaten naar Haïti om de leden van het B-Fast-team en het diplomatieke personeel te beschermen.

Volgens minister van Defensie Pieter De Crem (CD&V) vertrekken de eerste 24 militairen zondag in de late namiddag. Minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere (CD&V) voegde daaraan toe dat de beveiliging van de Belgische hulpverleners de komende 48 uren wordt verzekerd door de Verenigde Naties.

De regering besloot tevens om 2,5 miljoen euro bijkomende hulp te deblokkeren voor Haïti. Eerder was reeds vijf miljoen euro vrijgemaakt.

Om veiligheidsredenen moest het Belgische B-Fast-team in de nacht van vrijdag op zaterdag het veldhospitaal verlaten en uitwijken naar de buurt van de luchthaven van hoofdstad Port-au-Prince. Uiteindelijk bleek enkel wat water en voedsel gestolen en kon het team zaterdag opnieuw aan het werk.

Buitenlandse Zaken heeft drie landgenoten officieel als vermist opgegeven. Vanackere maakt zich echter ook zorgen over een negentigtal andere Belgen die nog steeds niet gelokaliseerd werden. 'We moeten geen paniek zaaien, maar we beginnen ons wel zorgen te maken', stelde de minister.

Pure chaos

Er heerst pure chaos in Haïti. De medische hulpverleners raken nauwelijks tot bij de bevolking. Ook voedsel en water bereiken amper de inwoners. De overheid vreest voor rellen als de chaos nog langer aanhoudt.

Op plaatsen waar de hulp ter plekke raakt, moeten slachtoffers urenlang aanschuiven om voedsel en water te krijgen. De regio's waar geen hulp is, wordt geteisterd door plunderaars en dieven. Ze gaan wanhopig op zoek naar voedselresten in het puin en plunderen winkels leeg. Wie kan, probeert naar familie te trekken op het platteland. Maar de twijfel is groot of de situatie daar stabieler is.

Volgens de Haïtiaanse regeringsverantwoordelijke voor de verdeling van water en voedsel, Michel Chancy, zijn er 'grote coördinatieproblemen op de luchthaven' van de hoofdstad Port-au-Prince. Nog volgens Chancy zullen binnen enkele dagen dagelijks 150.000 tot 200.000 maaltijden uitgereikt worden.

Lichamen gedumpt naast vuilnisbelt

De hulpverleners zijn radeloos en weten niet wat ze met de dode lichamen moeten doen. Heel wat lichamen zijn al geborgen, maar de mortuaria liggen vol en de body bags van het Rode Kruis zijn zo goed als op. Rond de stad werden massagraven gedolven, maar ook daarvoor dringt de tijd.

In een buitenwijk van Port-au-Prince dumpen vrachtwagens de lichamen naast een vuilnisbelt. Omdat het snikheet is, beginnen de lijken in de straat en onder het puin te rotten. Ook het risico op ziektes en epidemieën wordt elke dag groter. Intussen wordt de hoop om nog overlevenden te vinden, alsmaar kleiner.

'Nog erger dan tsunami'

Vier dagen na de verwoestende aardbeving zijn in Haïti al 50.000 lichamen geborgen. Premier Jean-Max Bellerive verwacht dat het totale aantal doden zal uitkomen op minstens honderdduizend.

De Verenigde Naties zouden nog nooit geconfronteerd geweest zijn met een ramp van deze omvang. In de hoofdstad Port-au-Prince en de rest van het gebied dat het zwaarst is getroffen is de infrastructuur vrijwel volledig weggeveegd. De centrale regering functioneert niet meer. De situatie is volgens VN-woordvoerster Elizabeth Byrs daarom nog veel erger dan in Zuidoost-Azie na de tsunami van december 2004. Daar bleven plaatselijke overheden wel functioneren.