Overzicht. Historische vulkaanuitbarstingen

Print
Stofwolken hebben in de geschiedenis al vaker grote gevolgen gehad. Daarbij wordt waarschijnlijk onmiddellijk gedacht aan de uitbarsting van de Vesuvius in het jaar 79, die steden als Pompeii en Herculaneum volledig verwoestte. Maar de geschiedenis kent nog heel wat historische vulkaanuitbarstingen.

Laki

IJsland staat bekend als een vulkanisch gebied. De grootste uitbarsting van een IJslandse vulkaan dateert van 1783. Negen maanden lang spuwde de Laki-vulkaan as en puin. De fluor- en zwavelgassen die vrijkwamen hadden dramatische gevolgen in IJsland en Europa: een derde van de IJslandse bevolking stierf door voedseltekorten, driekwart van het vee overleed ten gevolge van de giftige wolken, in de rest van Europa zorgden asregens voor misoogsten en zure regen, en de gifwolken die tot in Praag waaiden maakten alleen al in Groot-Brittannië ruim 23.000 slachtoffers.

Tambora

Één van de grootste uitbarstingen ooit is die van de Tambora-vulkaan op het Indonesische eiland Sumbawa in 1815. De stofwolk bereikte een hoogte van 44 kilometer, en bevatte ruim 160 kubieke kilometer as en puin. De uitbarsting had niet alleen dramatische gevolgen in de directe omgeving van de vulkaan, ook Europa ondervond hinder: oogsten mislukten, de gemiddelde temperatuur in 1816 daalde ongeveer 3 graden, en op veel plaatsen vroor en sneeuwde het zelfs nog in juni, juli en augustus. 1816 wordt dan ook vaak ‘het jaar zonder zomer’ genoemd.

Krakatau

Maar de grootste vulkaanuitbarsting sinds mensenheugenis deed zich later die eeuw voor. In 1883 barstte in oostelijk Indonesië de Krakatau-vulkaan in alle hevigheid uit. Het gebulder zou zelfs tot in Mauritius te horen zijn geweest. As werd ruim 80 kilometer de atmosfeer ingestuwd, en het kolkende zeewater veroorzaakte een meer dan 20 meter hoge tsunami. De hevige trillingen van de uitbarsting creëerden zelfs deining in het Kanaal. De stofwolk leidde ertoe dat minder zonlicht de Aarde bereikte, met een globale temperatuurdaling van ongeveer 1,2 graden als resultaat, alsook grillige weerpatronen en een donkerdere hemel.

Novarupta

In 1912 barstte in Alaska de Novarupta uit, wat zorgde voor een 32 kilometer hoge stofwolk, die 13 tot 15 kubieke kilometer as bevatte. De wolk verspreidde zich over Zuid-Alaska, West-Canada en verschillende staten van de VS. Elf dagen na de eruptie bereikte de wolk ook Afrika. Hij zou geleid hebben tot zwakkere moessonregens in India.

Cerro Hudson

Tussen 12 en 15 augustus 1991 stuwde de Cerro Hudson in Chili as en puin 18 kilometer de hoogte in, die tot 1.000 kilometer zuidoostwaarts werd meegevoerd door de wind, tot zelfs op de Falkland-eilanden. De wolk bedekte ongeveer 80.000 vierkante kilometer. De aswolk zorgde voor een wereldwijde afkoeling.

Pinatubo

De grootste vulkaanuitbarsting van de vorige eeuw is die van de Pinatubo op de Filippijnen in juni 1991. De hevige uitbarsting had een askolom van naar schatting 34 kilometer hoogte, waarvan grote delen in de Zuid-Chinese Zee terechtkwamen, tot zelfs in Vietnam, Cambodja en Maleisië. Door de grote stofwolk bereikte minder zonlicht de Aarde, daalde de globale temperatuur met 0,5°C, en leidden zwavelgassen tot een verminderde hoeveelheid ozon in de atmosfeer. De uitbarsting wordt ook gelinkt aan extreme weersomstandigheden de jaren na de uitbarsting.

Roodoranje zonsondergang

Voor wie nu denkt dat een vulkaanuitbarsting alleen maar kommer en kwel is, is er ook goed nieuws. De as die in de lucht hangt na een vulkaanuitbarsting, zorgt in grote delen van de wereld voor prachtige, roodoranje zonsop- en ondergangen. Het bekende schilderij ‘De Schreeuw’ van Edvard Munch, waarop een roodoranje hemel te zien is, zou daarop gebaseerd.