G1000 mag slotzitting niet in federaal parlement houden

Print
G1000 mag slotzitting niet in federaal parlement houden

David Van Reybrouck Foto: belga

Kamer en Senaat gaan niet in op de vraag van de organisatoren van de G1000 om op 11 november de slotzitting van hun initiatief in de halfronden van het federaal parlement te houden. Er zijn wel alternatieven mogelijk, klinkt het.

De G1000 is een burgerinitiatief dat in de nasleep van de verkiezingen van 2010 ontstond. De bedoeling van de organisatoren is 'om verse zuurstof te verlenen aan de politieke impasse en aan te tonen dat democratie vernieuwd kan worden'. Op 11 november 2011 verzamelde het initiatief ruim 700 mensen in Tour &Taxis in Brussel om te debatteren over de verschillende aspecten van de democratie en samenleving.

Dit zou dan moeten leiden tot een reeks aanbevelingen en standpunten. Die zouden dag op dag een jaar later voorgesteld worden in de plenaire Kamer en Senaat. De organisatoren stelden dat de deliberatieve democratie (van de G1000) complementair is met de representatieve democratie (van onder meer Kamer en Senaat).

'De G1000 in het federaal parlement ontvangen is een concreet signaal van politici dat zij wensen open te staan voor de bekommernissen en standpunten die de burgers hen wensen over te maken', luidde het.

Wapenstilstand

Maar de Conferentie van de Voorzitters van de Kamer en het Bureau van de Senaat hadden deze week ernstige bezwaren tegen het verzoek. Zowel Kamervoorzitter André Flahaut als quaestor in de Senaat Bert Anciaux wezen erop dat de G1000 een privé-initiatief is en dat een toestemming de deur zou kunnen openzetten voor partijpolitieke manifestaties. En die kunnen niet plaatsvinden in de plenaire vergadering. Bovendien vinden er op 11 november, Wapenstilstandsdag, andere officiële activiteiten plaats in het federale parlement, stelde de Kamervoorzitter.

Vooral de opvang van 500 mensen op de herdenking van de Wapenstilstand, terwijl er gelijktijdig officiële activiteiten plaatsvinden in het federale parlement, leek voor zowel de Conferentie als het Bureau een groot bezwaar. Maar voor zowel Anciaux als Flahaut kunnen er nog alternatieven gezocht worden, in het federale parlement of, dixit Flahaut, het Brusselse parlement.