Greenpeace roept houtimporteurs op geen illegaal gekapt hout uit Congo te verkopen

Print
Greenpeace en WWF roepen de Belgische houtimporteurs op geen illegaal gekapt hout uit Congo te importeren en te verkopen, omdat onder meer de habitat van de bonobo, een bedreigde diersoort, daardoor verwoest wordt. Dat blijkt uit een rapport van Greenpeace en de Congolese organisatie Réseau Ressources Naturelles, zo melden de organisaties maandag in een persbericht.

In het rapport wordt aangetoond hoe het huidige moratorium op nieuwe industriële kapconcessies in Congo omzeild wordt. Om bij gewilde houtsoorten als wengé te komen, maken industriële bedrijven gebruik van vergunningen die bedoeld zijn voor artisanale houtkap door ambachtelijke Congolese bedrijfjes, luidt het.

"Greenpeace roept de Congolese overheid op alle illegaal uitgereikte vergunningen in te trekken en het moratorium te handhaven", aldus Filip Verbelen, bossencampaigner bij Greenpeace.

In maart 2013 treedt een nieuwe Europese houtwetgeving in werking. Houthandelaars kunnen dan boetes en straffen krijgen bij overtredingen van het verbod op de handel in illegaal hout.

"Dat is meteen een extra reden voor handelaars om de hele handelsketen eens door te lichten. Greenpeace roept Europese landen op ervoor te zorgen dat sancties en controles overal even sterk zijn. Anders komt illegaal gekapt hout toch via de achterdeur Europa binnen", meent Greenpeace.

Bovendien trekt de lokale bevolking volgens de milieuorganisatie daarbij aan het kortste eind: "geen inkomsten, wel uitbuiting en een verwoest bosgebied".

In het Congo-bekken ligt het op een na grootste tropische regenwoud van de wereld. "De bescherming van die bossen is cruciaal voor het tegengaan van de klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit", besluit Greenpeace.