Onkruid wieden à la Bartel Van Riet

Bartel Van Riet Foto: VRT - JORIS BULCKEN

Langere dagen, vrolijkere mensen, meisjes in rokjes en massa's energie. De intrede van de lente, heerlijk. Maar: wordt het warmer, dan rukt het onkruid op. Onze groenman Bartel Van Riet bekijkt het samen met zijn kompanen Gie, Nander en Tomas van het tuinbedrijf 'De Tree Musketiers' met gemengde gevoelens.

Onkruid is geen welomschreven plantengroep of soort! Elke plant of kruid die in onze tuin als ongewenst wordt ervaren, kan onder de onkruidnoemer geplaatst worden. Het begrip onkruid is dus zeer subjectief en zélfs mode- en trendgevoelig. Wat wel vaststaat is dat onkruid aan de basis ligt van veel frustraties in de tuin. Het steelt de voedingsstoffen van onze meer geliefde gewassen. Het bemoeilijkt de oogst en kan zelfs ziekten en plagen overbrengen op onze groenten. En toch kan onkruid op het einde van de rit nog iets opleveren. Het vormt namelijk fantastische compost. En wat is er mooier, dan van iets ongewensts iets gewensts te maken?

Composteren
Je kan zo ongeveer alle onkruidsoorten composteren. Eénjarige onkruiden kan je gewoon de composthoop op mikken. De vaste soorten laat je beter in een grote bak transformeren tot een minder fris ruikende en ogende consistentie, vooraleer ze te verhuizen naar de composthoop. Sommige onkruidsoorten zijn een heuse bron van voedingsstoffen. De paardenbloem bijvoorbeeld neemt mineralen op van diep in de bodem en zal zo de grond verrijken.

Maar of je nu een strakke of een slonzige, een nonchalante of een nette tuinier bent of niet: er zijn een aantal soorten (on)kruid die door iedereen vervloekt worden. Dit is onze top vijf.

1. Zevenblad wordt door 99 procent van de tuinders als een ware pest ervaren. Bestrijden is de enige mogelijkheid. Een flinke dosis voorjaarsenergie zal van pas komen om de grote wortels te lijf te gaan met hark en schoffel, tot ze uiteindelijk uitgeput zijn en niet meer terugkeren. Het zevenblad kàn dienen als bodembedekker en voor een mooie groene kleur zorgen: als groene mat langs de vijver misstaat het eigenlijk niet. Maar het woekert echt hard: een gewaarschuwde tuinier is er twee waard.

2. Brandnetels zijn ook niet meteen de meest welgekomen gasten in onze tuin. Letterlijk en figuurlijk een irritant gegeven. Ze hebben lange, geelachtige ondergrondse wortelgestellen waardoor ze snel grote groepen kunnen vormen. Doordat deze wortels vrij oppervlakkig liggen, zijn ze -zeker bij vochtig weer- vrij goed uit te trekken. Let vooral op met mesten: daar waar stikstofrijke mest wordt aangebracht, zie je vaak massa's kleine brandnetels verschijnen. Toch kan de brandnetel ons nog in positieve zin verrassen. De geneeskrachtige werking van brandnetels is al langer bekend. Ze worden bijvoorbeeld verwerkt in shampoos tegen roos en haaruitval. En brandnetelsoep is kerngezond en bijna gratis! En - wat een idee - er is ook een bewerkinom pijnlijke reumaplekken te beslaan met geplukte brandnetels. Dit zou een bevorderende werking hebben op de kwaal aangezien het stimulerend werkt voor de bloeddoorstroming van de huid en de daaronderliggende organen. Tot slot mogen we ook de kerngezonde brandnetelsoep niet vergeten.

3. Klaver maakt geen deel uit van wat de meesten onder ons voor ogen hebben als ideaalbeeld van een mooi gazonnetje. Als de klavers verschijnen, is dat meestal een teken dat het gazon te weinig voedsel heeft gekregen. Klaver is dan op een bepaalde manier zelfs nuttig, want zij haalt stikstof uit de lucht en slaat deze op in haar knolletjes onder de grond. Ook mistaat klaver niet aan een grastapijt. Het brengt kleur en variatie en wie weet mits wat geduld ook geluk.

4. Paardenbloemen -jaja, pisbloemen - hebben een diepe penwortel en een bladrozet dat laag tegen de grond aan groeit. Een grasmachine maait dan wel hun bloemen en pluisbollen weg, hun laagbijdegrondse bladeren ondervinden er weinig last van en bijgevolg zullen ze er niet uitgeput van geraken en doodleuk op je erf blijven kamperen. Snel ingrijpen is de boodschap: staan er nog niet veel, dan zijn ze vrij eenvoudig te verwijderen met een scherp mesje. Staan er al een heleboel, hou dan in gedachten dat de blaadjes het goed doen in badwater, en dat de wortels van dit -helaas, winterharde - onkruid goed zijn tegen reumatiek, eczeem en slapeloosheid. Hun mooie gele kleur zal niet veel troost bieden, zeker?

5. Zuring, of zurkel, daar hadden we het al een keertje over bij de tuinkruiden maar we vallen voor dit kruid graag nog eens in herhaling. Zuring wordt vaak als onkruid ervaren, maar wat ons betreft mag zijn status opgewaardeerd worden: zowel in tuin-, keuken- als geneeskundige termen is het een kruid dat zijn strepen heeft verdiend. De Romeinen - en de Egyptenaren al! - gebruikten zuring als verteringsverbeterend kruid bij vettige spijzen. Wie zijn wij dan om het te bestempelen als onkruid?

Wieden, wieden, wieden
We zouden nu enorm lyrisch kunnen gaan doen over allerhande onkruid, maar het is wat het is: in sier- en moestuinen kan het een hardnekkige vijand worden. Je kan wieden, wieden en blijven wieden en toch zal het onkruid vaak aan het langste eind trekken. Onkruidverdelgers zijn, wat ons betreft, geen aanrader. Dat verdraaide onkruid wordt er steeds resistenter van en dat kan echt niet de bedoeling zijn. Bovendien is het quasi onmogelijk om maar 1 soort uit te roeien - er vallen altijd onschuldige slachtoffers. Misschien zijn het bijen, misschien een andere plant, of de bodem die wat giftiger wordt. In de onkruidbestrijding zijn er een paar cruciale trefwoorden met een w, en ze zijn nog goedkoop ook: worteldoek en, weeral, wieden.

Steek je een worteldoek onder de grond waar het belangrijk is, dan zorg je ervoor dat de sterkste onkruiden onderdrukt worden. Ook voorkomt het dat onkruid zich zal uitzaaien. Mulch (houtschors of cacaodoppen) tussen de planten is ook een goeie oplossing voor zij die al een beplante tuin hebben. Een laagje van een achttal centimeter betekent minder onkruidoverlast. Op de koop toe is het een esthetisch verantwoorde oplossing.

Onkruid mag je in geen geval laten uitzaaien. Meestal leeft onkruid slechts één jaar - zelfs minder. Zorg ervoor dat het onkruid in je tuin geen kans krijgt om zich uit te zaaien, zo krijg je het gemakkelijk onder controle. Het voorjaar is dé uitgelezen periode om je tuin onkruidvrij te maken. Na een regenbui kun je het jonge onkruid gemakkelijk met de hand de baas. Tijdens een lange, droge en zonnige periode is het schoffelen geblazen.
 

Niet te missen