Achtergrond: een akkoord na een halve eeuw miserie

Print
Het probleem Brussel-Halle-Vilvoorde houdt al 48 jaar aan (en volgens sommigen zelfs sinds de taalgrens uit 1963). Diverse politici beten op het probleem, dat sinds 2002 acuut werd, de tanden stuk. In september vorig jaar, na haast eindeloze onderhandelingen kwam er toch een akkoord.

Wat zegt het akkoord?

Er komt een kieskring Brussel, die enkel de negentien tweetalige Brusselse gemeenten omvat. Daarnaast komt er een kieskring Vlaams-Brabant: een samenvoeging van de oude kieskring Leuven en de 35 gemeenten van Halle-Vilvoorde. De splitsing geldt voor de verkiezing van de Kamer en Europa.

Er komt geen splitsing voor de Senaat, omdat de Senaat in zijn huidige vorm wordt afgeschaft. In de plaats komt er een Senaat die samengesteld wordt uit vertegenwoordigers van de parlementen in de deelstaten. Het gaat om 29 Vlamingen, 20 Franstaligen en 1 Duitstalige.

In de Senaat komen er ook 10 gecoöpteerden: zes Vlamingen en vier Franstaligen. Die coöptaties kunnen gebruikt worden om zowel Vlaamse Brusselaars als Franstalige Vlamingen uit Halle-Vilvoorde op te vissen.

Inwoners van de zes faciliteitengemeenten kunnen via een dubbele kiesbrief kiezen of ze op Brusselse of Vlaams-Brabantse lijsten stemmen. Franstaligen in andere gemeenten kunnen dat niet.

De rondzendbrief-Peeters zou gebetonneerd worden, net als de rechten van de Franstaligen.

Burgemeesters die door hun gemeenteraad zijn aangeduid, maar die de Vlaamse regering niet wil benoemen, kunnen daartegen in beroep gaan bij de Raad van State, net als nu. Ze zullen echter niet langer door de Vlaamse kamer van de Raad van State gehoord worden, maar door een tweetalige. Zolang er geen uitspraak is, fungeren ze als ‘aangeduid’ (en dus niet ‘verondersteld’) burgemeester.

Er is geen sprake van apparentering, uitbreiding van Brussel, culturele rechten voor Franstaligen in de Vlaamse rand... toegevingen die in eerdere compromissen en Franstalige eisen wel regelmatig terugkwamen.
 

De voorgeschiedenis:

Onderhandelingen op Hertoginnedal vormden in 1963 het startschot voor de politieke lijdensweg. De toenmalige (unitaire) CVP en BSP splitsten het grote, tweetalige arrondissement Brussel in drie delen: het tweetalige Brussel-Hoofdstad, het eentalige Halle-Vilvoorde en het arrondissement Randgemeenten (de faciliteitengemeenten voegden zich in 1970 bij Halle-Vilvoorde).

Voor de federale verkiezingen veranderde er niets: die werden in de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde georganiseerd. Ook het gerechtelijk arrondissement BHV raakte niet gesplitst.

Sindsdien floreert de opdeling van de kieskring en het gerechtelijk arrondissement als rituele eis van de Vlaamse beweging. De Vlamingen pikken het niet dat de invloed van Franstalige partijen uitdijt tot in Vlaanderen. Bovendien schraagt het de verfransing. Heel wat Franstalige Brusselaars wijken uit naar de groene rand. De aanwezigheid van faciliteiten en de mogelijkheid om voor Franstalige partijen te kiezen, vergemakkelijken die keuze.

De Franstalige partijen willen hun invloed niet kwijt. In ruil voor een splitsing van het kiesarrondissement eisen ze de uitbreiding van Brussel of de mogelijkheid voor de inwoners in de Vlaamse Rand om via een inschrijvingsrecht in Brussel te stemmen.

De invoering van provinciale kieskringen in 2002 maakt het vraagstuk acuut. Omdat BHV niet kan worden gesplitst, neemt de paars-groene regering-Verhofstadt I haar toevlucht tot een ingewikkeld compromis. Het Grondwettelijk Hof haalt de regeling onderuit. De instelling spreekt van een ‘onaanvaardbare ongelijkheid' tussen de diverse kieskringen.

Het hof legt een deadline op: de federale overheid krijgt vier jaar, tot eind juni 2007, om het probleem definitief te beslechten.

De kwestie verzeilt prompt in electoraal vaarwater. In de aanloop naar de Vlaamse verkiezingen in juni 2004 profileert het pas gesmede kartel van CD&V en N-VA zich op dit dossier. Oppositieleider Yves Leterme maakt zich de borst nat: ‘Een oplossing kost welgeteld vijf minuten politieke moed.' Het verplicht Guy Verhofstadt in mei 2005 om zich met de affaire te bemoeien. In de laatste rechte lijn van een akkoord gaat Spirit, opgepookt door de Vlaams-nationalistische éminence grise Hugo Schiltz, dwarsliggen.

Het dossier met de allure van een tijdbom verhuist naar de diepvries. Tijdens de federale kiescampagne van 2007 vormt BHV een speerpunt in de CD&V-tactiek om de geloofwaardigheid van paars onderuit te halen. Bovendien maakt het arrest van het Grondwettelijk Hof een oplossing dringend. De organisatie van de volgende federale verkiezingen dreigt juridisch te verzanden. Na verschillende deadlines neemt Jean-Luc Dehaene in het voorjaar van 2010 het dossier ter harte. De onderhandelingen stokken en Open VLD laat de regering vallen. De verkiezingscampagne krijgt meteen een communautair thema.

Pas in september 2011, tijdens zeer moeizame regeringsonderhandelingen, bereiken CD&V, SP.A, Open VLD, MR, PS en CDH een akkoord samen met Groen en Ecolo. Daarna volgen in ijltempo akkoorden over de gerechtelijke splitsing van BHV, de financieringswet en de begroting. Dat laatste gebeurt zonder Groen en Ecolo. Beide groene partijen maken ook geen deel uit van de regering-Di Rupo. Zij blijven wel het BHV-akkoord steunen.