GETEST. Porsche 911 Carrera S cabriolet

Print
Het is een soort Kever, maar de jongste Porsche 911, zoals hij genoemd wil worden, is een verdomd goeie sportauto. En de GT3-versie is nog beter. Hij is hemels. Maar als je het dak wegneemt, wordt het andere koek en hou je helemaal geen sportauto over. Jeremy Clarkson

Het Moses Mabhida Stadion in Durban is het mooiste gebouw ter wereld. Het werd gebouwd voor de World Cup 2010 en het is prachtig, 'snachts en overdag. Het oogt uitstekend als je er van ver naar kijkt, of vanbinnen. Geen enkel ander bouwwerk dat ik ooit heb gezien komt ook maar in de buurt. Het is een triomf. Onlangs speelde het gastheer voor het meest ambitieuze live-evenement dat Top Gear tot nu toe heeft ondernomen. Niet alleen diende ons trio aan te treden voor een joelend eskader van 15.000 Zuid-Afrikaners, maar buiten wachtten een autoshow en een stratencircuit van 1 mijl op wegen die speciaal voor de gelegenheid waren afgesloten. Er werden races gehouden tussen een superbike en de Formule 1-Mercedes van Michael Schumacher, The Stig reed demonstratierondjes in een keur van superwagens, er waren interlandenraces en er was de lokale held Jody Scheckter die nooit ook maar in iets is gecrasht. Echt waar.

Richard Hammond, James May en ikzelf waren zeer onder de indruk van het programma maar omdat we ons al bij al in onze speeltuin bevonden, vonden we dat men ons zelf ook enkele rondjes mocht laten rijden. We bedachten dus een wedstrijdje: kies gelijk welke auto uit en kijk wie de snelste rondetijd presteert. May ging voor de McLaren MP4-12C, Hammond voor een soort Kever, en ik? Ik koos voor de liefde van mijn leven: een Mercedes SLS AMG Roadster. Tijdens mijn eerste verkenningsronde besefte ik vrij snel dat ik geen verstandige keuze had gemaakt. Want het circuit was niet alleen zeer smal en nauw, het was ook aan beide kanten afgeboord met betonnen afsluitingen. En een smal, met beton afgeboord stratencircuit is niet echt het uitverkoren jachtgebied van een zeer groot 6.2 liter V8 monster met 563 pk met de grom van een wild beest en de staart van een blije hond. Het komt neer op worstelen met een beer in een telefooncel.

Om de zaken nog erger te maken was het circuit een populaire attractie bij onze bezoekers. Met duizenden stonden ze tegen de hekkens gedrukt en vulden ze de tribunes. En allemaal dachten ze hetzelfde toen ik kwam aangestormd. 'Alstublieft. Als er een God bestaat. Laat hem crashen.' Ze hadden allemaal hun camera's klaar, om mijn minste beweging vast te leggen, niet om hun vrienden thuis te kunnen tonen hoe goed ik het er vanaf had gebracht. Nee. Maar wel om het precieze moment waarop ik de muur raakte en mijn kop eraf ging op YouTube te kunnen zetten.

Natuurlijk had ik daar helemaal geen zin in en ik besloot dat het vooruitzicht om Hammond te verslaan –May telde niet mee– niet opwoog tegen het risico om op het internet te eindigen in een brandweeremmer. Resultaat: ik besloot kalm aan te doen. Er was echter een probleem. Je moet begrijpen dat, als je voor een menigte rijdt en ballen hebt, het erop uitdraait dat je simpelweg niet traag kan rijden omdat je wordt gedwongen show te geven. Wat betekende dat ik overal waar dat enigszins mogelijk was niet snel of traag ging maar zijdelings, met zoveel mogelijk rook van de achterbanden in mijn spoor. Dat veronderstelde natuurlijk het uitzetten van de tractiecontrole, wat in dit soort auto op dit soort circuit belachelijk was. En erger nog, ik voelde een onweerstaanbare drang om de hele tijd te zwaaien. De toeschouwers zwaaiden naar mij en het leek mij onbeleefd om niet te reageren. Daar zat ik dan, zwaaiend en schuivend in een V8 op een circuit dat voor beide absoluut ongeschikt was. Het is nog maar een reden waarom ik geen echte racepiloot zou kunnen zijn. Je zal niet veel winnen als je in elke bocht in de slip gaat en in het voorbijrijden poseert voor foto's. Bijgevolg draaide het hier op uit: Hammond was de snelste.

Het gevolg was dat ik vier dagen lang diende te luisteren naar zijn geblaat over hoe zijn Kever aanzienlijk superieur is aan de grote Mercedes. Vandaar dat ik na afloop van het Top Gear-festival lang niet zo droevig was als jullie zouden kunnen denken. We hadden een geweldige tijd, met een behandeling als rocksterren. Maar zoals bij rocksterren waren de muzikale meningsverschillen tussen Hammond en mij zo enorm geworden dat ik mij begon af te vragen hoe hij er zou uitzien zonder vel. Ik wilde naar huis om van zijn gegniffel verlost te zijn.

En toen, Jezus Maria, raad eens welke auto op mijn oprit stond te wachten om te worden getest toen ik thuiskwam. Yep. Een verdomde Kever –of zoals hij graag wil worden genoemd, een Porsche 911 Carrera S cabriolet. Ik zonk op mijn knieën en begon te wenen. Het goede nieuws is natuurlijk dat de krant niet te krijgen is in het moerasgebied waar Hammond woont. En zelfs als dat wel zo was, staat die vol met moeilijke woorden die hij toch niet begrijpt. Aangezien hij het dus toch niet leest, kan ik eerlijk zijn. De jongste 911 is een verdomd goeie sportauto. En de GT3-versie is nog beter. Hij is hemels. Maar de vraag was om een week door te brengen in de cabriolet en dat is andere koek. Want de waarheid is dat, als je het dak wegneemt van een sportauto, je in mindere of meerdere mate zijn structurele stijfheid vermindert. En als je dat probeert te verdoezelen met verstevigingsbalken onder de vloer, voeg je gewicht toe. Wat betekent dat je helemaal geen sportauto meer overhoudt. Een Porsche cabriolet is bijgevolg een beetje als een kale Afghaanse windhond. Het blijft een Afghaanse windhond maar de essentie is een beetje verloren gegaan.

Oh zeker, de Porsche-ingenieurs hebben voor de nieuwe cabriolet een lichtgewicht magnesium en aluminium dakkader en panelen in composietmateriaal bedacht waarvan wordt gezegd dat het 18% stijver is dan zijn voorganger. Maar ondanks dat alles weegt de auto 50 kilo meer dan zijn zus met een vast dak. 99,9% van de tijd voelen de twee versies natuurlijk 99,9% gelijk aan. Maar de oplettende bestuurder weet dat de cabriolet 0,01% van de tijd 0,01% slecht aanvoelt. En dat zal altijd blijven knagen. Als je een sportauto wil, dan is deze niet voor jou. Maar als je de man bent die ik onlangs in een golfclub in Watford tegenkwam, een man die de oude vierwielaangedreven cabrio had, spits dan je oren... Het eerste probleem waar je met de nieuwe auto tegenaan loopt is de zichtbaarheid. Aan schuine kruispunten moet je vertrouwen op je innerlijke Mystic Meg (bekende Britse astrologe, nvdr.) vooraleer in te voegen in de verkeersstroom. En op snelwegen verander je van rijvak op eigen risico.

Dan is er de versnellingsbak. Mijn auto had een handbediende met zeven gangen. Nu geef ik toe dat een lange zevende nodig is om het brandstofverbruik te beperken en de uitstootbonzen van de Europese Unie tevreden te stellen, maar, o jeetje, er valt heel wat te schakelen. Daar zou nog mee te leven zijn, ware het niet dat de koppeling zowel zwaar als schokkerig is. Dit is geen stadsauto. Andere dingen? Wel, de bekerhouders zijn vlak voor de ventilatiemonden geplaatst, wat betekent dat als je de airco aanzet, je kop thee het eerste is dat wordt gekoeld. En er is een mysterieuze knop die, als je erop drukt, het uitlaatgeluid zodanig versterkt dat je de radio niet meer kan horen. En ik hield niet van de elektrische stuurbekrachtiging. Of van het feit dat de koffer vooraan zit, waardoor je elke keer vuile vingers hebt als je er iets moet uitnemen. Met de kap neer? Ik zou het niet weten, deels omdat het de hele tijd regende en deels omdat, zoals we allen weten, een volwassen man die met open dak rijdt eruitziet als het hoofdpersonage in een advertentie voor Viagra.

Er zijn natuurlijk een paar goede dingen. Hij zit prachtig in elkaar. Hij heeft slechts om de ijstijd een onderhoudsbeurt nodig. Hij is niet te groot. Hij is niet te opzichtig. En hij is niet zo duur. Een standaard 3.4 liter Carrera cabriolet kost 103.455 euro, terwijl het model dat ik hier heb –de 3.8 liter S– niet eens 15.000 euro meer kost. Dat kan erg veel lijken voor 400 cc extra maar ik heb met beide gereden en kan je verzekeren dat het elke cent waard is. Het basismodel kan een beetje traag aanvoelen. De S nooit. Maar als alles is gezegd en geschreven is het maar een tweezitscabrio. En als dat al is wat je wil, kunnen BMW en Mercedes je er een verkopen die even goed is voor veel minder. En nu moet ik terug naar Zuid-Afrika, vrees ik, want ik heb net gehoord dat James May op het punt staat te finishen in onze drierondenrace.

Onder de kap
Motor: 3800 cc, 6 cilinders
Vermogen: 400 pk
Koppel: 440 Nm
Overbrenging: Manueel, 7versnellingen
Topsnelheid: 297 km/u
Acceleratie: In 4,7 sec. van0 tot 100km/u
Verbruik: 9,7 l/100 km
CO*-uitstoot: 229 g/km
Prijs: 118.096 euro

Clarksons verdict
De 911 voor mensen die niet van sportwagens houden