Op bezoek in een groen paviljoen

'Het zwarte huis', durven de buren al eens zeggen, maar voor Sebastiaan en Anouk is het vooral: 'ons paviljoen in het groen'. Van wat ooit een banale woning was, maakten zij een gezellige, moderne woonplek voor een gezin met vijf kinderen. Mét zwemvijver, moestuin en kippenren.
Print

'We hebben afgezien.' Ergens is het een geruststelling: ook een architect moet bij de verbouwing van zijn eigen woning door de miserie die iedereen meemaakt die een zware verbouwing aangaat. 'We hebben in alle hoeken van het huis geslapen, want telkens werd er weer een nieuw stuk van de woning aangepakt.' Maar voor Sebastiaan Leroy, Anouk en hun kinderen geldt zoals voor elke verbouwer: 'Wat een feest, als het af is. Dan ben je alle ellende snel weer vergeten en is het dubbel genieten.'

Leroy is medevennoot bij B-bis, het broertje van B-architecten. B-bis neemt alle particuliere projecten en interieuropdrachten voor haar rekening. B-architecten legt zich vooral toe op stedenbouwkundige, publieke en culturele projecten. B-bis verbouwde onder meer de winkels voor Kwesto, Missoni, Bongo en iittala en richt momenteel de kantoren in van Hotel Hungaria (bekend van tv-programma's als Dagelijkse kost en Groenland).

Na jaren in Antwerpen gewoond te hebben, was Sebastiaan samen met zijn vrouw op zoek naar een woning in de buurt van het stadscentrum, maar vooral toch ook in het groen. Ze vonden die op Linkeroever, vlakbij de Waaslandtunnel die hen in een wip tot in het hartje van Antwerpen brengt.

'Er staat niet al te veel te koop op Linkeroever, maar toch hebben we niet lang moeten zoeken. Dit huis stond al een hele tijd te koop, maar niemand waagde de sprong, omdat er veel werk aan was. De vraag was dus: durven wij het of niet? We hebben er nog geen seconde spijt van gehad.'
De eerste stap in de verbouwing was het huis zwaar isoleren. 'Er zit tien centimeter rotswol aan de buitenzijde, tegen de bestaande muur, en daar hebben we natuurlei tegen geplaatst.' Vervolgens werd de garage voor tandarts Anouk omgebouwd tot haar praktijk, en werd er waar vroeger een dakterras was, een batterij kinderkamers toegevoegd.

Een uiterst belangrijk element bij het hele project vormde de tuin. 'Het idee was: het huis staat als een paviljoen in de tuin. De tuin is niet zomaar iets wat er bij hoort. Nee, de tuin is een heel belangrijke plek, en het huis staat daarin. Voorheen was die tuin één grote hondenwei. Er was niks. Het was een woestenij vol hondendrollen. Eerst hebben we een terras aangelegd, dan een zithoekje verderop in de tuin. Vervolgens is de zwemvijver erbij gekomen, en dan nog kippen en een moestuin. Om zo een stukje natuur naar binnen te halen. We genieten er enorm van.'

Opvallend bij alles: dit is overduidelijk een huis waar geleefd wordt. Waar naast energiezuinige vooral ook praktische oplossingen werden bedacht. Niet de strakke, cleane woonst die je zou verwachten bij iemand die bij een architectenbureau werkt. 'Dat klopt. Neem het hout hier en daar: natuurlijk gaat dat werken en zijn daardoor niet alle lijnen even recht. Maar wij houden ervan. Wat dit precies maakt tot wat het is, valt moeilijk in woorden te vatten. Zie het als een onzichtbare handtekening.'
 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Niet te missen