'Slachtoffers kunnen niet in beroep tegen vrijlating Martin'

Print
'Slachtoffers kunnen niet in beroep tegen vrijlating Martin'

Slachtoffer Laetitia Delhez en de vaders van Julie en An, Jean-Denis Lejeune en Paul Marchal. Foto: AFP

Omdat de burgerlijke partijen niet betrokken zijn in de beslissing om iemand al dan niet vervroegd vrij te laten, kunnen ze er ook geen beroep tegen aantekenen. Dat is de conclusie van de advocaat-generaal van Cassatie in de zaak-Michelle Martin en die te lezen is op de website van Le Soir.

De burgerlijke partijen hebben beroep aangetekend tegen de beslissing van de strafuitvoeringsrechtbank van Bergen om Michelle Martin, de ex-vrouw van Marc Dutroux,  vervroegd vrij te laten. Maar de kans is zeer groot dat ze niet gehoord zullen worden. De weg ligt zo open voor Martin om naar het klooster van de Arme Klaren in Malonne te trekken.

Advocaat-generaal Raymond Loop meent in zijn geschreven conclusies dat de burgerlijke partijen, volgens de wet op de strafuitvoeringsrechtbanken, niet het recht hebben beroep aan te tekenen. 'Om beroep bij het Hof van Cassatie aan te tekenen, volstaat het niet een belang te hebben bij de beslissing, maar moet het normalerwijze om een proces gaan.'

De advocaat-generaal stelt namelijk dat de slachtoffers geen partij zijn in de procedure voor de strafuitvoeringsrechtbanken. 'Het slachtoffer komt niet tussen in het debat over het al dan niet toekennen van een voorwaardelijke invrijheidstelling, maar enkel bij de voorwaarden die in zijn voordeel aan de veroordeelde opgelegd kunnen worden.'

Naar Europa

De burgerlijke partijen willen ook met technische argumentatie de voorwaarden voor de invijheidstelling van Martin aanvechten, maar ook in dat hoofdstuk worden de rechtspunten door Loop verworpen. Die technische argumentatie was ook de kern van het beroep dat de procureur-generaal van Bergen, Claude Michaux, aantekende.

Het Hof van Cassatie, dat meestal het advies van de advocaat-generaal volgt, spreekt zich op 28 augustus uit over het beroep. 

Als het beroep inderdaad door Cassatie verworpen wordt, zal meester Georges-Henri Beauthier, de raadsman van Jean-Denis Lejeune en Laetitia Delhez, naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens stappen. Daar zal hij pleiten dat zijn cliënten geen eerlijk proces kregen, aangezien de Belgische wet hen niet toelaat aan alle debatten voor de strafuitvoeringsrechtbank deel te nemen.

Beauthier erkent dat de huidige Belgische wet de burgerlijke partijen niet het recht geeft om door de strafuitvoeringsrechtbank gehoord te worden over de rechtmatigheid van voorwaardelijke invrijheidstellingen, 'maar we hebben evenwel de belofte gekregen van alle partijen dat ze die wet snel willen wijzigen', zegt hij.