Ons tv-rapport: In de mix

Print
Ons tv-rapport: In de mix

Foto: *

Op papier heb je niks aan In de mix: Brahim brengt een jonge Vlaamse rapper of hiphopper tot bij een muzikale legende à la Verminnen of van het Groenewoud en zorgt ervoor dat de twee elkaar ‘besmetten’ met hun muziekstijl. So what, denk je dan: wie zit dáár op te wachten? Niemand, maar dankzij In de mix heb ik toch mooi de ‘crib’ van Bart Kaëll gezien. Ik gebruik het woord ‘crib’ en niet ‘villa’ omdat we bij In de mix met rappers en hiphoppers te maken hebben. Die zeggen niet ‘villa’ maar ‘crib’, vinden iets niet geweldig maar ‘fucked up’ en houden het op ‘straight’ waar wij eerder ‘in orde’ zouden gebruiken.

Om even terug te komen op die ‘crib’ van Bart Kaëll: de zanger verwelkomde Brahim en de jonge Mechelse rapper Kain in zijn nederige stulp, uitgerust met een oprijlaan die oneindig leek te duren. Rapper Kain moest toegeven dat hij pas héél laat inzag wie Bart ­Kaëll was. ‘Nu weet ik het,’ zei hij, ‘da’s die gast van Tien om te zien.’ Bart Kaëll liet er op zijn beurt geen gras over groeien: hij had de jonge rapper amper een knuffel gegeven of hij begon hem al ter hoogte van het middenrif te betasten om het belang van die spier bij het zingen te onderstrepen. De rapper had eerder gezegd dat hij ‘in shock' was na het horen van Kaëlls meezinger La mamadora; de shock werd nog iets groter toen de knaap ontdekte dat Kaëll er eentje van de overzijde was. ‘Ik wist niet dat hij homo was. Is dat proper om te zeggen, homo?’

Ik snap dat Eén zo’n programma als In de mix moet maken: er zit muziek in, het is jong, er worden culturen gekruist. Je kunt er je schouders bij optrekken, maar ik heb een paar keer hard gelachen. En zoals ik al zei: die living van Bart en Luc, die wou ik altijd al eens zien.

Onze score: 7/10