Bartel Van Riet verkent het Vlaamse hagenland

Bartel Van Riet verkent het Vlaamse hagenland

Foto: *

Ga maar eens in een Vlaamse woonwijk staan en kijk om je heen. Vooraan, achteraan, opzij... allemaal hagen. Geen twijfel mogelijk. Wij zijn een hagenvolk! Huisje, tuintje, haagje. Wat moet een mens meer hebben? Bartel Van Riet kijkt deze week samen met zijn collega's Gie, Tomas en Nander van het tuinbedrijf 'De Tree Musketiers' over de haag op zoek naar mooie exemplaren.

Het dichtbevolkte Vlaanderen stelt onze oerdrang naar privacy en een eigen territorium serieus op de proef. Hagen lijken echter een prima remedie. Ze vormen een mooi, veranderlijk decor, geven structuur en zetten ons uit de wind en uit het zicht. Zo kan je nog eens ongestoord in monokini op je terras liggen of in adamskostuum het gras maaien. We kiezen nogal vlug voor de klassieke, soms wat eentonige hagen. Die zijn echter kwetsbaar omdat ze een gemakkelijke prooi vormen voor schadelijke organismen. Die kunnen de hele haag aantasten en dat zadelt een mens met de nodige frustraties op.

Spuiten met chemische bestrijdingsmiddelen is dan de enige oplossing, maar die zijn schadelijk voor vogels en insecten. Zonder te willen afdoen aan de schoonheid van eender welke haagsoort –des goûts et des couleurs, on ne discute pas– zouden wij graag onze favoriet promoten: de 'gemengde' haag.

Personaliseren
Afhankelijk van de grootte van de haag kunnen we variëren met 5 tot 10 verschillende soorten. Zo kunnen we onze haag echt personaliseren. Meidoorn –de prikkeldraad avant la lettre–, sleedoorn, veldesdoorn, krenteboom, japanse bottelroos, hazelaar, liguster, spork, lijsterbes, vlier, hulst of zelfs berk in combinatie met de klassiekers beuk en haagbeuk.  Rode en gele kornoelje kunnen kleur brengen in de winter. Maar daarmee houdt het nog niet op. Met wat creativiteit maakt u van uw haag een echt pièce unique, een ware eyecatcher. Verschillende soorten rozen, bessenstruiken zelfs de ranonkelstruik (kerria japonica) kunnen de haag kleur, geur en smaak geven. Je kan zelfs experimenteren met clematis.

Op die manier wordt je haag meer dan alleen maar een scherm tussen jou en de buren. Als je de juiste soorten uitzoekt, zal je gemengde haag je elk seizoen verbazen. Op plaatsen waar de haag absoluut gesloten moet zijn, ook in de winter, kan je kiezen voor wintergroene stukken: hulst, taxus, buxus. Ook de beukenhaag laat haar blaadjes pas vallen net voor er nieuwe worden aangemaakt en kunnen dus ook perfect dienen als dicht scherm.

Niet elk jaar snoeien
Gemengde hagen kunnen we in lijn aanplanten of geschrankt, afhankelijk van de grootte van de tuin. Best is om een drietal planten per meter te zetten. Al is dat geen vaste regel, minder kan ook. Een gemengde haag moet je maar om de drie jaar snoeien. Sommigen stellen die snoeibeurt zelfs vijf jaar uit.

Mocht zo'n iets wildere haag je afschrikken, dan kan je het ook wat subtieler aanpakken. Kies voor minder soorten of combineer ze met je klassieke haag. Uiteraard hangt een en ander ook samen met het landschap. Kies liefst voor inheemse planten en kijk ook naar het grotere geheel. Indien je tuin een prachtig uitzicht heeft, laat je beter kijkopeningen.

Wist je dat gemengde hagen…
- Goedkoper zijn dan de klassieke hagen.
- Gemakkelijker zijn in onderhoud.
- Speelsheid en afwisseling in je tuin brengen.
- Veel leven naar je tuin lokken: bijen, hommels, vlinders maar ook vogels zullen ervan smullen.
- Vogels en kleine zoogdieren uitnodigen om er zich in te nestelen.

Goed om te weten
- Een haag van olijfwilg is zeer mooi en een goede oplossing als de haag wat hoger mag zijn. In normale omstandigheden kan ze tot 4m hoog worden.
- Ook taxus kan gigantisch uitgroeien maar dan moet je echt veel geduld uitoefenen. Het leuke aan taxus is dat je hem kan vormen zoals je zelf wilt en dat hij echt mooi vol wordt.
- Je krijgt zin om je schoenen uit te trekken en er springkasteelgewijs in te duiken.
- Buxus en kamperfoelie kan je dan weer enorm strak houden. Dat lukt overigens ook prima met taxus. Ze kunnen dienen om structuur te brengen maar ook om de wildere stukken van je tuin te compenseren of af te bakenen. De combinatie kan heel erg mooi zijn.
- Wees voorzichtig met snelle groeiers! Paplaurier, Leylandii, coniferen of zelfs klimop. Ze zijn wintergroen en dichten supersnel een gat, maar doen je achteraf de das om. Veel snoeiwerk, veel afval en een scherm dat werkelijk niets doorlaat. Ook geen licht dus!
 

Niet te missen