Staatsveiligheid ziet wie u mailt, wanneer en met welk toestel

Print
Telecomproviders zullen moeten bijhouden wie naar wie mailt en wanneer iemand op het internet gaat. ‘De grootste inbreuk op onze privacy ooit’, aldus tegenstanders.

De regering vraagt het parlement de spoedbehandeling van een wetsontwerp waarin staat dat telecomproviders zoals Belgacom en Telenet verplicht worden om een jaar lang alle data over elektronische communicatie op te slaan. Het gerecht en de Staatsveiligheid kunnen die informatie dan opvragen en gebruiken in hun onderzoeken. Bij de opsporing van bijvoorbeeld criminele bendes kan de geschiedenis van hun communicatie doorslaggevend zijn.

De meest ingrijpende verandering is de bewaring van alle gegevens over het mailverkeer. Ze zullen moeten bijhouden wie naar wie een bericht verstuurt, wanneer dat gebeurt en vanaf welk toestel. Ook wanneer een computer verbinding maakt met het net, moet worden opgeslagen. De inhoud van de e-mails wordt niet bewaard.

De wet gaat terug op een Europese richtlijn uit 2006.

Nu al houden de Belgische providers lange tijd enkel de gegevens over telefoon- en sms-conversaties bij. Ze doen dat voor de facturatie, maar het gerecht en de Staatsveiligheid kunnen die ook inkijken. De nieuwe wet breidt uit wat er allemaal wordt opgeslagen en maakt de regels voor iedereen gelijk.

Voor telefoongesprekken en sms’en gaat het over het nummer van de oproeper, het ontvangstnummer, de duur van een gesprek, de datum en het uur en de plaats vanwaar de gesprekken vertrekken.

Bij e-mail gaat het over de IP-adressen (een uniek nummer van elk toestel dat met het internet verbinding maakt) waartussen de communicatie loopt.

Advocaat Raf Jespers, auteur van het boek Big Brother in Europa, noemt de wet ‘de grootste ingreep ooit in onze privacy’.