Nieuwe jihadist radicaliseert op dertig dagen

Nieuwe jihadist radicaliseert op dertig dagen

Foto: AFP

Jihadisten van vandaag zijn jonger dan ooit en radicaliseren in sneltempo. Dat is de conclusie van een studie door het Internationaal Centrum voor Contraterrorisme in Den Haag.

Waar Brahim en Salah Abdeslam er nog een jaar over deden voor ze van boefjes in terroristen veranderden, gebeurt het nu veel sneller. Het gezaghebbende instituut bracht het fenomeen van Europese jihadstrijders in Syrië en Irak in kaart, en verzamelde daarvoor data uit 23 lidstaten van de Europese Unie.

“Er zijn gevallen van jongeren die op amper dertig dagen radicaliseren”, zegt ­onderzoekster Bibi Van Ginkel. “Maar zelfs als het op een jaar tijd gebeurt, is dat bijzonder snel. Sommige van die jongeren functioneren normaal binnen de maatschappij en beslissen twaalf maanden later om zichzelf op te blazen.” Dat heeft volgens haar te maken met een totaal gevoel van vervreemding, waar ronselaars snel op inspelen. “Het gaat om jongeren die eerder in aanraking zijn gekomen met de politie, sociaal geïsoleerd zijn en zich gemarginaliseerd voelen. Dat is een broedplaats voor hopeloosheid. Ronselaars vergroten die grieven uit en zeggen dat ze ertegen kunnen strijden.”

Een jaar voor Brahim en Salah Abdeslam mee de aanslagen in Parijs pleegden, verhandelden ze nog drugs en pleegden ze diefstallen. Tot ze plots begonnen te bidden, stopten met roken en veel sportten. De broers Abdeslam zijn exemplarisch voor hoe radicalisering vandaag razendsnel gebeurt.

Islamsausje

In tegenstelling tot de eerste drie golven van jihadstrijders, die onder meer meevochten in Afghanistan, laten de jihadi’s zich nu veel minder leiden door religie. “De islam is meestal een sausje dat er achteraf wordt overgegoten.”

Het ICCT schat dat er tot 4.294 Europeanen vertrokken om in Syrië en Irak te strijden. De telling eindigde in oktober 2015. Die strijders zijn meestal tussen 18 en 25 jaar. Voor België is 5 procent minderjarig.

“Het is bijna mode onder de puberende jeugd in sommige gemeenschappen om te radicaliseren en zich aan te sluiten bij IS”, zegt jihadexpert Pieter Van Ostaeyen. “Ze willen rebelleren en het gevoel hebben ergens bij te horen.”

Ondanks de ambitieuze poging van het ICCT om een profiel op te stellen van de gemiddelde jihadi is er volgens Van Ginkel moeilijk één lijn in te trekken. “Bovendien verandert dat profiel constant. Net als je denkt dat je het begrijpt, zie je nieuwe fenomenen opduiken. Daarom is het cruciaal om het contant te monitoren.”

Corrigeer

IN HET NIEUWS

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees