Vrienden en collega-striptekenaars aangeslagen door overlijden van Marc Sleen

Vrienden en collega-striptekenaars aangeslagen door overlijden van Marc Sleen

Ook bij vrienden en collega-striptekenaars komt de dood van Marc Sleen hard aan. Noël Slangen, zijn vaste schaakpartner, noemt wat hij heeft gecreëerd en nalaat “fenomenaal”.

Vrienden en collega-striptekenaars aangeslagen door overlijden van Marc Sleen
Foto: Jimmy Kets

Noël Slangen was een goede vriend van Sleen en wist dat het de jongste maanden erg bergaf met hem ging. Toch is hij zeer zwaar aangeslagen door zijn dood. “Marc was lichamelijk erg achteruit gegaan, maar het was ongelofelijk hoe hij geestelijk vitaal bleef. Ik heb nooit iemand gekend met zo een levensdrang als hij.”

Slangen bezocht de striptekenaar af en toe. “Dan speelden we samen een paar partijtjes schaken en dronken we een glas champagne. Daar hield hij zo van.”

Slangen wil zijn vriend Sleen eren voor zijn monumentaal oeuvre. “Wat hij gecreëerd heeft en nalaat, is gewoon fenomenaal. Geen enkele striptekenaar heeft ook zoveel zelf getekend als hij.”

Vrienden en collega-striptekenaars aangeslagen door overlijden van Marc Sleen
Merho Foto: pol de wilde-corelio

“Als we over zijn werk praten, komen we natuurlijk snel bij Nero, maar hij heeft zoveel andere meesterwerken op zijn naam staan. Nero heeft iets universeels, absurd en toch helemaal van hier. Neem nu het personage van madame Pijp, het is toch geniaal om zo iets te bedenken. De werken van Sleen kunnen ook door iedereen gelezen worden, jong en oud. Ook dat maakte hem zo uniek.”

Merho, het pseudoniem van Robert Merhottein die vooral bekend is om zijn De Kiekeboes-reeks, heeft Sleen altijd een fiere trotse man gevonden. “Hij heeft er samen met Willy Vandersteen voor gezorgd dat ik zelf ben begonnen als striptekenaar.”

“Sleen tekende in de eerste plaats voor de krant. Dat ging voor op zijn albums. Hij tekende ook altijd over actuele thema’s.”

Of er wafels zullen opgediend worden op zijn begrafenis, weet Merho niet. “Maar hij zou het zeker leuk gevonden hebben”, zegt hij.

Van alle tijden

Luc Morjaeu, tekenaar bij de studio’s Willy Vandersteen, heeft Sleen nooit persoonlijk gekend maar heeft hem wel een paar keer ontmoet. “Zijn surrealistische tekeningen en de figuren die hij verzon, waren ongezien en het zal nog lang duren voor hij een volwaardige opvolger krijgt. Als die er nog komt”, zegt hij.

Vrienden en collega-striptekenaars aangeslagen door overlijden van Marc Sleen

Striptekenaar De Marck (Marc Daniëls) kende Sleen en zijn vrouw persoonlijk. “Hele lieve, warme mensen. Zijn dood is dan ook een groot verlies en is een zware schok voor iedereen. Ook al was zijn leeftijd daar.”

Daniëls typeert Marc Sleen als een duivel-doet-al. “Hij heeft zeer lang alles zelf gedaan en had een onuitputtelijke energie. Bijna op het onmenselijke af. Maar hij klaagde nooit. Tekenen was zijn leven.”

“Sleen was een meester in zijn vak, maakte tientallen stripreeksen met Nero natuurlijk als absolute topper. Zijn surrealistische humor typeerde hem. Niemand kan dat zoals hij dat kon. Bovendien zijn zijn strips niet gedateerd. Nero, dat blijft en zal nog jaren blijven”, klinkt het

“In de eerste strips die Kamagurka en ikzelf maakten, is de invloed van Marc Sleen duidelijk te merken. Vooral de simpele moppen in de Nero-strips werkten inspirerend”, zegt Herr Seele, striptekenaar en schilder.

Generaties opgegroeid met Nero

Voor Urbanus is Nero nostalgie. ‘Ik ben opgegroeid met de strips van Marc Sleen. Van zijn verhalen las ik het liefst Piet Fluwijn en Bolleke , want die waren slechts één pagina lang. Nero kostte al wat meer moeite. Van de mens Marc Sleen ben ik onvoorwaardelijk fan. Hij is een heel goede tekenaar en heel intelligent. Verschillende generaties zijn opgegroeid met zijn strips. Nu is dat trouwens veel minder het geval, sinds de Game Boy en dergelijke opgang hebben gemaakt. Voor de stripreeks Urbanus zijn we zeker schatplichtig aan Sleen. Van hem leerden we gewone, Vlaamse mensen neer te zetten.”

Dirk Stallaert, medewerker Marc Sleen: “ Nero heeft voor mij dus een grote materiële betekenis. Maar natuurlijk ook een emotionele, ik heb namelijk kunnen werken voor mijn jeugdidool. Na een decennium loopt de samenwerking spijtig genoeg ten einde. Ik had Nero graag voortgezet, maar ik respecteer de beslissing van Marc Sleen om Nero niet door te geven. In vind het jammer dat hij Nero niet kan loslaten. Ik had graag de Nerostijl verder vorm gegeven. Want Sleen heeft een aparte stijl, maar daar is nooit een school uit voortgekomen. Ik ga nu voor een andere strip werken (Kiekeboe) , ik zal me weer een andere stijl eigen moeten maken.”

Strip Turnhout, uitgever van het tijdschrift Stripgids en organisator van het tweejaarlijkse stripfestival, prijst de op 93-jarige leeftijd overleden striptekenaar Marc Sleen voor zijn “volkse stijl” en de grote hoeveelheid personages uit Nero en andere reeksen die tot op de dag van vandaag alom bekend zijn. “Sleen was samen met Willy Vandersteen de uitvinder van de Vlaamse familiestrip”, zegt Toon Horsten, directeur van Strip Turnhout en hoofdredacteur van Stripgids.

Volgens Horsten onderscheidden Sleen en Vandersteen zich van hun al even legendarische Franstalige collega’s zoals Hergé door hun “meer volkse, minder afgelijnde stijl”. Sleen bleef bovendien “steeds trouw aan zijn eigen universum”, stelt Horsten.

Grootste striptekenaar

“Met Marc Sleen verliest ons land een van zijn grootste striptekenaars”. Zo reageert Vlaams minister van Cultuur Sven Gatz (Open Vld) op het overlijden van de bekende striptekenaar. “Met zijn vele memorabele stripfiguren zorgde de geestelijke vader van Nero voor ontelbare knipoogjes, schaterlachen en amusement bij jong en oud, generaties lang en breed. In zijn strips vond Marc het medium par excellence om de Vlaamse gulle lach te verspreiden”.

Minister Gatz las “van toen hij een broekventje was” gretig de strips van Marc Sleen, en dan vooral Nero. “Mijn favoriete album is ‘De hoed van Geeraard de Duivel’”, herinnert Gatz zich. Nero is voor hem ook veel meer dan een beeldverhaal. “Het is ook een politiek overzicht van de jaren 50, 60, 70 en 80. “’De brief aan Nasser’ is bijvoorbeeld nog steeds actueel voor het Midden-Oosten, maar ook in andere strips stak ik als kind en puber heel wat weetjes over de wereld op”.

Gatz wijst op de verschillende tekenen van eerbetoon aan Marc Sleen die het levenslicht zagen, zoals de stripprijs de Bronzen Adhemar, de Sleenpostzegel en het museum tegenover het Stripmuseum in Brussel. “Maar Sleen zal vooral blijven voortleven in zijn onvergetelijke figuren als Jan Spier, Abraham Tuizentfloot, Meneer en Madam Pijp, Piet Fluwijn en Bolleke of de Lustige Kapoentjes”.

Koning twittert

Ook op Twitter regent het maandag reacties op het overlijden van striptekenaar Marc Sleen. Het Koninklijk Paleis biedt “oprecht medeleven en vele gedachten naar zijn vrouw en familie” aan en Vlaams minister Ben Weyts (N-VA) roept iedereen op maandagavond wafels op het menu te plaatsen als ode aan de traditionele “wafelenbak” aan het einde van elke Nerostrip.

Minister Kris Peeters (CD&V) heeft het in zijn reactie over de “ontelbare uren leesplezier” die Sleen bezorgde aan “generatie na generatie, miljoenen kinderen en volwassenen”, terwijl staatssecretaris Philippe De Backer (Open Vld) het houdt op “Nero verliest zijn vader, België een cultfiguur”.

Minister-president Geert Bourgeois (N-VA) heeft het over een “afscheid in grote dankbaarheid: generaties met hem opgegroeid, uitzonderlijke striperfenis”.

Corrigeer

IN HET NIEUWS

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees