De zoekers

Redacteur Het Nieuwsblad

  • 33 jaar
  • Single en alleenwonend
  • Issue: haar conditie speelt haar parten
  • Voornemen: meer energie vinden door gezond eten en bewegen, en daar nog plezier in vinden ook

Fit & Gezond

COLUMN. "De strijd om de traagste baan"

COLUMN. "De strijd om de traagste baan"

Foto: ss

Hij keek me strijdvaardig aan. Een beetje slechtgezind ook, zo van ver. Ondanks mijn warme glimlach. Alhoewel. Ben ik daar fysiek toe in staat, op zaterdagochtend vroeg? Tijd om nog net iets langer te filosoferen over mijn al dan niet gemoedelijk gekrulde lippen gaf hij me niet. Hij duwde af. En dus moest ik hetzelfde doen. Anders zou het straks chaos worden. Van wild in het rond slingerende ledematen aan een verschillend tempo.

Om maar te zeggen: ik ben gaan zwemmen. Repetitief baantjes trekken. Dat moet geleden zijn van het eerste middelbaar, en ook toen deed ik maar een paar keer mee met de zwemles. In de pas gemengde jongensschool durfden ze niet protesteren als wij meisjes elke week met een maandelijks excuus aan de kant zaten te tetteren. En dat tetteren is op die leeftijd nu eenmaal interessanter dan een beschamende poging tot crawl. Sorry meester.

Maar we wijken af. Het ging over zwemmen. Of neen, eigenlijk gaat het over vriendinnen, en dan is die terugblik niet eens zo misplaatst. Om maar te zeggen: ik heb vriendinnen die gaan zwemmen. De aanstoker is vriendin Frauke, die traint voor een Iron Man omdat haar voornemens nu eenmaal spectaculairder zijn dan de mijne. Voor de zwemtraining vond ze al twee gewillige compagnons. En nu ben ik de derde zottin die in het weekend ontiegelijk vroeg een half uur in de auto zit om mee te doen.

Dat ik een amateur ben, werd die eerste keer al duidelijk. Zij stapten parmantig in sportbadpak met badmuts en zwembril de kleedcabine uit. Ik had het niet-echt-zo-sportief-maar- het- enige- dat- goed- paste-badpak aan dat ik een dag eerder in zeven haasten was gaan kopen. De bril, de muts: niet aan gedacht. Het maakt dat ik mijn plaats direct begreep: de traagste baan.

Wat ik niet begreep: waarom mijn baangenoot me zo kwaad aankeek toen ik het trapje nam. Ik zwom niet trager dan hij. Dat kon het dus niet zijn. Na een paar keer passeren ging het dagen. Ik had hem het comfort afgenomen van zwemmen in een lege baan. Ik probeerde hem zo weinig mogelijk te storen. Eens verontschuldigend te knikken. Maakte me zo klein mogelijk. Hij reageerde niet. Maakte nog steeds een even brede armbeweging in het midden van de baan als ik eraan kwam. Keek me ijzig aan, als we allebei aan weerszijden van het bad even een rustpauze inlasten.

Maar niet met mij. Ik voelde de agressie opborrelen. Even langzaam als mijn schoolslagslagen. Dat willen roepen dat WE HIER ZIJN OM ONS TE ONTSPANNEN, HE MAKKER. ONTSPANNEN, JA! EN ’T IS WEEKEND, ZURE MENS. Zou het lukken, hem onderwater een stiekeme elleboogstoot geven, zogezegd per ongeluk? Hij had geluk. Nét toen ik het eindelijk zou durven proberen – echt waar- riep een vriendin me. Het was tijd om wat te tetteren aan de kant. Om maar te zeggen: ik ben dus gaan zwemmen. En het was tof.

 

De Zoekers