De zoekers

Redacteur Het Nieuwsblad Magazine

  • 52 jaar
  • Samenwonend
  • Issue: ergert zich aan het teveel aan onzin, oppervlakkigheid en passiviteit
  • Voornemen: meer diepgang, daadkracht en relevantie opzoeken

Life

COLUMN. “Niemand maakt oogcontact, we zitten allemaal naar ons scherm te staren"

COLUMN. “Niemand maakt oogcontact, we zitten allemaal naar ons scherm te staren"

Foto: Wikicommons

Sommige lessen leer je als je het niet verwacht. Zoals die avond in Bozar. De dag is lang en stressvol geweest. Voor een goede avondmaaltijd was er weer geen tijd. Mijn zin is al lang omgeslagen in tegenzin, als ik plaatsneem op een stoel in een saaie zaal, om er te luisteren naar de Britse kunstenaar Antony Gormley. De man is wereldvermaard maar ongetwijfeld wordt dit weer zo’n hoogdravend gesprek waar geen touw aan vast te knopen zal zijn. Waarom doe ik dit toch?

Foto:Wikicommons

Tot de 66-jarige beeldhouwer begint te vertellen. En met een lichte glimlach elk van zijn antwoorden een net iets andere richting uitstuurt dan de interviewster wellicht verwachtte. Dankzij Gormley staan er voor eeuwig honderd menselijke figuren op het strand van het Britse Crosby Beach en hij plaatste een gigantische, gehurkte zilveren figuur in het landschap bij het Nederlandse Lelystad. Wie hem aanspreekt, mag dat dankzij de Britse koningin inmiddels met Sir doen.

“Besteed vooral meer aandacht aan mijn werk, dan aan wat ik hier vanavond zal vertellen”, glimlacht hij, en achter de glazen van zijn bril bespeuren we iets van pretlichtjes in die tegelijk wat vermoeide ogen. Hij heeft het over de ijdelheid van elke kunstenaar, die per se iets wil nalaten wat hem overleeft en haalt er de rotstekeningen in de Franse grotten van Lascaux bij, van 10.000 jaar voor Christus. “Uiteindelijk willen die ook maar één ding zeggen: ik was hier!”

Wie nog niet bij de les was, in die Brusselse zaal, betrekt hij er vervolgens moeiteloos bij door aan iedereen te vragen om de ogen dicht te doen. Hij heeft het op dat moment over de claustrofobie waar hij als kind last van had, en hij laat ons voelen hoe hij die overwon. “Wat voel je, met je ogen dicht? Dan is er toch niet meer zoiets als een kamer? Dan is alles toch ruimte? Dan is er toch ook geen sprake meer van zoiets als een individu?”

Foto:Bozar – Yannick Sas

En hij vertelt over hoe we als mens niet gedijen in isolement, maar altijd proberen om connecties te maken - “We leren onszelf alleen kennen dankzij onze relaties met anderen”- en over de paradox waar hij telkens aan moet denken als hij in de trein zit. “Niemand kijkt nog naar het landschap of maakt oogcontact met een andere passagier. We zitten allemaal naar dat scherm te turen.” Hij is niet de eerste om erop te wijzen: hoe die schermen ons met alles kunnen verbinden, maar tegelijk maken dat we geïsoleerd raken van elkaar. Ja, hij heeft ook een website, vervolgt Gormley glimlachend, maar uiteindelijk probeert hij zich toch vooral te verzetten tegen het virtuele door juist tastbare dingen te maken. Beeldhouwwerken. Niet voor niets.

Hij springt over naar die illusie van ons, te denken dat we ook maar iets kunnen bezitten. Zelfs dat lichaam, waarvan we stellen dat het van ons is, maar dat we wellicht sneller zullen verliezen dan we vermoeden. Waarom hij een kunstenaar geworden is, vraagt iemand uit het publiek, helemaal op het eind. Hij lacht en antwoordt dat die vraag hem in het begin gesteld had moeten worden. En besluit dan met een kwinkslag: “Ik ben een kunstenaar omdat ik niks anders kan.”

Als ik in de trein naar huis zit, hebben de zorgen en de stress plaatsgemaakt voor ruimte in mijn hoofd. En ik besef dat ik dankzij deze avond onverwacht een nieuw voornemen heb voor de rest van dit jaar: meer tijd spenderen in het gezelschap van wijze en bij voorkeur lichtjes excentrieke mensen. Het is zoveel zinvoller dan weer een avondje tv.

 

Nieuw werk van Antony Gormley is nog tot 8 april te zien bij galerie Xavier Hufkens, Sint-Jorisstraat 6, Brussel.

www.xavierhufkens.com

De Zoekers