Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Brugge -

Het Cactusfestival sloot gisteren een uitmuntende 36ste editie af. Onze festivalreporter sloeg drie dagen lang zijn tent op in het Minnewaterpark van Brugge. Een overzicht van de derde en laatste festivaldag.

The Temper Trap : een snuif dramatiek

Met de melancholische indiepop van The Temper Trap is het altijd erop of eronder. Zanger Dougy Mandagi is niet de meest betrouwbare, aan het niveau van debuut Conditions – met zeven songs goed vertegenwoordigd gisteren – konden de laatste platen nooit tippen. Maar Cactus had zondagmiddag naast alweer de weergoden ook het geluk aan haar zijde: Mandagi zong opvallend scherp en trapte met Thick As Thieves een degelijke set in gang.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
The Temper Trap Foto: Inge Kinnet

Slechte gewoonte: The Temper Trap wilt altijd die snuif dramatiek te veel door uw keel rammen, en was ook nu niet zuinig met kleffe songs. So Much Sky deed een vergeefse poging tot interactie, Trembeling Hands was met z’n obligate “oohoo’s” wel héél stroperig. Ze kunnen het nochtans wel, de Australiërs, als ze de waterlanders achterwege laten: Summer’s Almost Gone mengde pop met zachte electronica, Science of Fear had de vettigste baslijn van het weekend in huis. Mandagi dook zelfs als eerste op deze Cactus de voorste rijen in. Een gebrek aan inzet kon je The Temper Trap niet verwijten.

Goeie eindsprint ook. Alive en Drum Song draaiden het volume open en rockten lekker rechtdoor, met de geniale lucky shot Sweet Disposition - waar zijn die (500) Days of Summer-fans hier? - heeft Temper Trap de gedroomde uitsmijter.

Local Natives: halfkrokant vieruurtje

En nu is het goed geweest met al dat gedoe rond Radiohead. Taylor Rice, frontman van Local Natives, stond gisteren niet met zijn vertrouwde Stalin-snor, wel met een Thom Yorke-vlecht op het podium en nam tijdens het zweverige Jellyfish ook diens krampachtige bibberdans en stemgeluid over. Frisse opener wel, en een duidelijk statement voor de leken: Local Natives zweert bij melodieuze indierock, ijle vocals en een gezond gevoel voor salonpop.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Local Natives. Foto: Inge Kinnet

Wie ze vorig jaar op Pukkelpop zag, weet dat de Californiërs een hele set kunnen boeien met oké songs, maar ze missen uitschieters. Bescheiden hit Airplanes was bij het volk een schaars herkenningspunt, Villainy en Past Lives konden op bijval rekenen. Zieltjes lokken zonder ze te winnen, heet dat.

Maar – en er is altijd wel een ‘maar’ bij Local Natives – na de vloed komt de eb. You & I nam gas terug, de aandacht in het Minnewaterpark deed hetzelfde. Ook het gepalaver op en naast het podium liep parallel: hoe meer Rice benadrukte hoe fijn hij het vond om voor het eerst in Brugge te spelen, hoe luider het geroezemoes op het gras. Lief van Rice, maar handen kreeg hij er niet mee op elkaar. Minder lullen, eens een échte oorwurm schrijven en Local Natives kan meer worden dan een halfkrokant vieruurtje.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Foto: Inge Kinnet

Sophia: een weinig opbeurende parel

Mogen we beginnen met een korte transcriptie van een sms-gesprek?

- Hij: “Sophia?”

- Wij: “Absoluut. Briljant!”

- Hij: “Echt? Geen zonneslag?”

- Wij: “Ik vind het echt goed.”

- Hij: “Straf, mijn frieten smaken nog beter.”

Om maar te zeggen, Sophia deelde Cactus gisterenavond in twee. Globetrotter en ex-inwoner van Brussel Robin Proper Sheppard besloot te starten met Fixed Water, Sophia’s debuutplaat uit 1996 die ze integraal speelden.

Niet tot ieders jolijt, wel tot de onze: Fixed Water is een parel, maar verre van een opbeurende. “Klaar voor droevige muziek?”, vroeg Sheppard. Is It Any Wonder zette de toon en dompelde Cactus onder in tristesse, Another Friend raasde ziedend voorbij. “Ik denk dat die vorige een popsong was, niet? Sad as fuck, maar een popsong.”

Jammer voor de fans, goed voor de dagtoeristen: Fixed Water telt maar acht songs. Een halflege wei kreeg dus nog een greep uit ouder werk en nieuw album As We Make Our Way te horen. Resisting en Darkness (Another Shade In Your Black) draaiden furieus de knoppen open – het meisje naast ons schrok plots wakker –, California kabbelde dan weer op z’n dooie gemakje voorbij. All My Love – “de enige hit die we ooit hebben gehad”, snoof Sheppard – lokte de teleurgestelde helft van het publiek niet terug, maar bleek live een klein kunstwerk. Zet die gerust in de lange lijst van bloedmooie songs met Sophia’s hart op de tong. “I’m only happy when you’re sad”, zong Sheppard nog in When You’re Dead. Helaas, hij smeerde ons een dikke grijns aan. Een koppige, moedige set. Maar denk er vooral het uwe van.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Warhaus. Foto: Inge Kinnet

Warhaus: staren naar een rode peignoir

“We zijn al begonnen met brokken maken.” Amper twee songs ver moest Maarten Devolderes microstatief er tussen Love’s A Stranger en The Good Lie aan geloven. Het toont met hoeveel verdomde goesting hij in Brugge stond. Met Balthazar klom hij afgelopen jaren tredegewijs de Cactus-affiche op, met Warhaus mocht hij onmiddellijk in de avondspits starten.

Het duurde ook geen vijf minuten voor Devoldere neus aan neus ging vrijen met zijn muze en backing Sylvie Kreusch. Samen zijn ze het spannendste muzikale koppel sinds Gainsbourg en Birkin, het minst zedige sinds Jezus Christus en Maria Magdalena. I’m Not Him ging nog een stapje verder: Kreusch – die haar lange benen suggestief uit een knalrode peignoir liet hangen – lalalaa-de een geil eind verder, Devoldere keek goedkeurend toe.

Je zou bijna vergeten dat Warhaus met gitarist Jasper Maekelberg en drummer Michiel Balcaen nog twee klasbakken telt. Zij kregen een speelkwartier tijdens Here I Stand en pompten kerosine in de instrumental Beaches. Topschijf. “Are you with us?”, vroeg Devoldere. Weinig respons. “Ziejje mee?” Het oogstte meer succes.

Warhaus stond met zijn eerste worp al op zowat ieder denkbaar podium in Vlaanderen. Uitstekende zaak dan dat Devoldere telkens meer nieuwe songs in zijn set smokkelt. Here I Stand, Mad World en A Beautiful Mess, ze doen het beste vermoeden voor de opvolger van We Fucked A Flame Into Being. Al geraak je I’m Not Him en Machinery ook niet snel beu. Vaste afsluiter Bruxelles mag dan weer stilaan een andere stek op de setlist krijgen. Maar dat is muggenziften. Devoldere blijft groeien als performer, blijft experimenteren met zijn show. Iedere keer weer geslaagd.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Explosions in The Sky. Foto: Inge Kinnet

Explosions In The Sky: trippen bij zonsondergang

Aan Explosions In The Sky hoef je niet veel woorden vuil te maken. Dat doet de groep zelf namelijk ook niet. Het Texaanse vijftal nam bij een vallende zon Cactusfestival mee op een briljante instrumentale trip. Geen woord tussen of tijdens de songs, en zo hebben we het graag. Exlosions’ postrock mocht traag en oorverdovend uitdijen: Your Hand In Mine en Colors In Space verzoenden noise met haarfijne harmonieën, afsluiter The Only Moment We Are Alone duurde zelfs met twaalf minuten te kort. Noem ons nog eens een band in het vak die zo slim met geluid en kleur omgaat? En zeg nu alsjeblief niet Mogwai.

Van Sophia tot Warhaus en Goose: onze festivalreporter fileert de laatste dag Cactusfestival
Goose. Foto: Inge Kinnet

Goose: electropunk tussen de bomen

Een elektronische splinterbom. Goose laten afsluiten is altijd een slimme move, maar zet de Kortrijkzanen in een idyllisch stadspark en je speelt heerlijk met contrast. Kille Kraftwerkiaanse synths en weinig verlegen gitaarpartijen tussen de bomen, met voorman Mickael Karkousse als aanvoerder/aanvuurder: een beter slotfeest kon Cactus niet vragen.

Zelfs met het tragere werk van nieuwe plaat What You Need centraal stoomde Goose aan een stevig tempo door zijn songs. Call Me en So Long kregen meer vuur in de kont en waren even luid als verblindend, Come Home is een knap staaltje electro waar Justice dolgraag mee aan de slag gaat. Maar de lievelingen zoekt het publiek zelfs elf jaar na datum nog bij Bring It On: ook al passeerden van dat debuut een schamele drie nummers, Brugge omarmde ze, perste alle lucht uit de longen en blies het gitaargeweld van Dave Martijn even hard terug het podium op. Everybody, Bring It On – zonder gitaren volledig in electropunk gedrenkt – en British Mode tekenden present, wij misten vooral Check en Audience.

Als Goose één handicap heeft, dan wel voorspelbaarheid. Dat heb je als je enkel hits – met Words en Synrise zelfs pure anthems – schrijft. Een beetje meer durf mag, hier en daar eens géén crowdpleaser ook. Al denken we dat, als we dit luidop hadden gezegd op het planché, iedereen rondom z’n lauwe pint onze nek had ingegooid. In dat geval: doe zo verder, jongens. Waar voor uw geld, en de kroon op een excellente editie. U heeft maandag toch ook verlof?

Corrigeer

IN HET NIEUWS

POPULAIRE VIDEO'S

Het beste van Enkel voor abonnees