De zoekers

Eindredactrice Het Nieuwsblad Magazine

  • 36 jaar
  • is getrouwd en heeft twee zonen, Jules (7) en Theo (3)
  • Issue: wil niet consumeren op kap van anderen
  • Voornemen: eerlijke kleren kopen, lokaler eten, vaker stilstaan bij de herkomst van koopwaar

Mama

COLUMN. Kamperen met kinderen? “Nooit meer”, dacht ik

COLUMN. Kamperen met kinderen? “Nooit meer”, dacht ik

De eerste ochtend om 6 uur, de tweede om 5 uur: onze vorige kampeertrip gaven we de derde ochtend op. Toen huilde onze zoon van één jaar oud om 4 uur de hele camping bijeen.

COLUMN. Kamperen met kinderen? “Nooit meer”, dacht ik

Misschien verdroeg ik het geluid van de ritsen van de tenten rond de onze nog moeilijker dan zijn gehuil. Ik haalde hem meteen uit zijn kinderbed en liep de rest van de nacht sussend rondjes tussen tenten en caravans. Om tegen de ochtend stilletjes, baby op schoot, in slaap te vallen in de passagierszetel van onze auto. Me met baby bukken om de rits van de tent open te trekken, durfde ik niet.

Gelukkig waren de campingburen en de uitbaters van camping Domaine des Messires– die we ondanks onze tegenvallende ervaring nog altijd als mooiste camping ooit onthouden – de volgende ochtend begripvol. Nog gelukkiger: er was nog een stacaravan vrij. Met omheind terras! Dus niet meer één iemand aan het multitasken met de oudste zoon achter ons kookpitje terwijl de ander achter zoontjelief aanholt. Eindelijk vakantie. Gelukkigst van al: ’s nachts geen temperaturen die tot rond het vriespunt terugvielen om de zoon wakker te maken, geen opkomende zon in de ogen die je even later uit je tent bakt en het gekwetter van de vogels dat net lang genoeg buiten te houden was. Over kamperen zouden we het níét meer hebben.

COLUMN. Kamperen met kinderen? “Nooit meer”, dacht ik

Dat we “nooit” meer zouden kunnen kamperen raakte me wel. Net zo hard eigenlijk als toen ik bij onze eerste zoon dacht “nooit” meer een boek te kunnen lezen. Trouwen ging ik ook nooit doen, dus ik had al moeten beseffen dat aan mijn “nooit” iets schort. Want net die heuglijke gebeurtenis verschafte ons vorig jaar het excuus om het vooral niet over de tent te hebben: voor onze huwelijksreis zouden we “iets specialers” doen. Het werd een midweek met de kinderen in de rode dubbeldeksbus op kampeerterrein De Lievelingein Nederland. Toch op een camping, niet echt kamperen. Het perfecte huwelijk. De bus handig te verduisteren, kwettervriendelijk en weersbestendig. Geen uren in de auto ernaartoe. En de jongens waren er gek van, ze zaten uren aan het stuur. Of rond het vuur, net als wij. De boeken vlogen erdoor, als de jongens in bed zaten.

COLUMN. Kamperen met kinderen? “Nooit meer”, dacht ik

Ondertussen zijn ze zeven en drie. Oud genoeg om de tent weer boven te halen? Dat we een week met een motorhome konden rondreizen, deed het ons erop wagen. Weekje motorhome, en als het weer meezat – we trokken naar Wales en Zuid-Engeland – zouden we een week extra blijven met de tent. En dat deden we. We pakten met een klein hartje de ‘kamer’ van de kleinste in met isolatiedekens, installeerden zijn luchtmatrasbedje met opstaande rand, dekten hem toe met een extra deken voor wij gingen slapen … En hij sliep elke ochtend door zonneschijn en meeuwengekrijs heen tot 8 uur. Britse tijd zelfs! (We plukken trouwens nog de vruchten van dat uurverschil.)

De jongens zaten er wel later in bed, dus tijd om met de zaklamp in de slaapzak hele hoofdstukken te lezen was er niet, maar dat buitenleven deed hen zo’n deugd (die fietsjes moeten toch alle sprietjes op dat oneindige Zuid-Engelse grasveld verkend hebben). Zalig ook te ontdekken dat een boek bovenhalen niet langer het sein is voor onmiddellijk vereiste moederschapsinterventies en lezen plots wel overdag kan. Maar heel soms haalde zelfs het beste boek het gewoon niet van het geweldige uitzicht, zoals op de camping vanCardigan Island Coastal Farm Parkin Wales, deze vakantie binnengekomen in onze camping top drie. Welcome back, tent, in ons leven. Sommige dingen zijn écht gewoon een fase.

Corrigeer

De Zoekers